Hildegard von BingenVoor de muziekliefhebbers is het interessant te weten, dat Hildegard de eerste componist is waarvan een biografie bekend is. Met haar muziek was ze haar tijd ver vooruit. Ze stichtte een klooster waarin haar muzikale werken werden uitgevoerd. Hoewel Hildegard nog steeds niet is heilig verklaard (ze is wel al zalig verklaard, een stap die in de katholieke kerk vóór de heiligverklaring komt) wordt ze toch al regelmatig aangeduid als St. Hildegard. Een paar jaar geleden werd de aandacht op Hildegard gevestigd door musicologen, geschiedkundigen en theologen, die vonden dat haar 900-ste geboortedag een goede aanleiding was voor hernieuwde aandacht voor deze opmerkelijke vrouw.
Op achtjarige leeftijd werd
Hildegard door haar familie naar een kluizenaarster, Jutta,
gestuurd om een religieuze opvoeding te ontvangen. Deze Jutta was
de dochter van de graaf van Sponheim en werd in het algemeen als
een aantrekkelijke jonge vrouw beschouwd. Zij versmaadde echter
alle wereldse verleidingen en besloot haar leven aan God te wijden.
In plaats van in het klooster te treden, verkoos Jutta een zwaarder
leven en werd in 1106 kluizenaarster. In die tijd leefden
kluizenaars opgesloten in een kleine kluis (vandaar het woord
kluizenaar), een soort cel, die vaak direct naast een kerk gebouwd
werd, zodat ze de mis konden volgen, met alleen een klein raam dat
kun enige verbinding met de buitenwereld vormde. De meeste tijd
spendeerden ze aan gebed, meditatie, of eenzame handenarbeid, zoals
naaien of borduren. Omdat deze kluizenaars voor de wereld in
principe dood zouden zijn, ontvingen zij de laatste riten voordat
ze zich in hun cel op lieten sluiten. Deze macabere ceremonie was
een complete begrafenisplechtigheid, waarbij de toekomstige
kluizenaar zelfs opgebaard lag.
Jutta's cel was ook zo'n soort kluis, behalve dan dat er een deur was, waardoor Hildegard binnen kwam, samen met een dozijn andere meisjes uit adellijke families die door Jutta's roem werden aangetrokken. De opvoeding die Hildegard van Jutta kreeg was zeer beperkt en Hildegard kon maar niet ontsnappen aan gevoelens van tekortkoming en een gebrek aan onderwijs. Ze leerde het psalmboek in het Latijn te lezen, hoewel haar begrip van de grammaticale gecompliceerdheid van de taal nooit compleet was (gedurende haar hele leven zou ze schrijvers hebben die haar hielpen met het op papier vastleggen van haar visioenen en denkbeelden), maar ze had een goed begrip van de gecompliceerdheid van de taal zelf en construeerde zinnen met allerlei dubbele bodems die nu nog steeds een uitdaging zijn voor wie haar geschriften bestudeert. Doordat de cel waarin Hildegard in die jaren leefde zo dichtbij het Benedictijner klooster van Disibodenberg stond (de cel was tegen de kerk aan gebouwd), maakte de jonge Hildegard ongetwijfeld kennis met muzikale religieuze diensten, wat de basis heeft gevormd voor haar eigen muzikale composities. Op 14 of 15 jarige leeftijd legde Hildegard de eeuwige gelofte af. Toen Jutta in 1136 stierf was Hildegard 38 jaar en werd zij gekozen tot hoofd van het ontluikende nonnenklooster, waartoe Jutta's cel inmiddels was uitgegroeid.
En het gebeurde ... toen ik 42 jaar en 7 maanden oud was, dat de hemelen werden geopend en een verblindend licht van buitengewone schittering door mijn hele brein stroomde. En zo liet het mijn hele hart en gemoed gloeien als een vlam, niet brandend, maar verwarmend... en plotseling begreep ik de betekenis van verklaringen van de boeken - het psalmboek, de evangelisten en de boeken van het oude en nieuwe testament.Maar nog steeds werd Hildegard overspoeld door gevoelens van onvermogen en aarzelde om te handelen.
Maar hoewel ik deze dingen hoorde en zag, door twijfel en een lage dunk van mijzelf en door verschillende uitspraken van mensen, verzette ik mij lange tijd tegen de roeping om te schrijven, niet uit koppigheid maar uit nederigheid, totdat ik, terneergeslagen door een gesel Gods, door ziekte het bed moest houden.
De twaalfde eeuw
was de tijd van kerkscheuring en religieus vuur, waarin iemand die
een of andere buitenlandse doctrine predikte in korte tijd een
grote schare volgelingen kon aantrekken. Hildegard stond kritisch
tegenover schismatici. Ze predikte zelfs haar hele leven tegen ze,
in het bijzonder tegen de Catharen. Ze wilde daarom graag dat haar
visioenen gesanctioneerd of goedgekeurd zouden worden door de
katholieke kerk, hoewel ze zelf nooit twijfelde aan de goddelijke
oorsprong van haar verlichte visioenen. Ze schreef daarom een brief
aan Bernard van Clairvaux, waarin ze om zijn zegen vroeg. Hoewel
zijn antwoord nogal plichtmatig was, bracht hij de zaak op de
synode van Trier, gesteund door de aartsbisschop van Mainz, toch
onder de aandacht van paus Eugenius (1143-1153), een behoorlijk
rationeel man die Hildegard aanspoorde om verder te werken aan haar
geschriften. Met pauselijke toestemming wist Hildegard haar eerste
visionaire werk Scivias ("Ken de wegen van de Heer") af
te ronden en haar faam begon zich te verspreiden over Duitsland en
daarbuiten.
Rond 1150 verplaatste Hildegard het groeiende klooster van Disibodenberg naar de Rupertsberg in Bingen, ongeveer 30 km naar het noorden aan de oever van de Rijn. De enige man die meeverhuisde was haar secretaris Volmar, die ook de priester van het klooster werd. Later stichtte ze nog een klooster, Eibingen, aan de andere kant van de rivier.
De rest van
haar jaren waren zeer productief. Ze schreef muziek met
bijbehorende teksten, meestal liturgische eenstemmige gezangen te
ere van heiligen en de maagd Maria voor de feestdagen en antifonen
. Er zijn sterke aanwijzingen dat haar muziek en haar zedenspel
Ordo Virtumum (Spel van de Zeden), dat in haar tijd werd aangeduid
als een liturgisch drama, in haar eigen klooster uitgevoerd werden.
Naast de eerder genoemde Scivias schreef ze nog twee belangrijke
visionaire werken: Liber vitae meritorum (Boek van de verdiensten
van het leven, 1150-1163) en Liber divinorum operum (Boek van
Goddelijke erken, 1163), waarin ze haar theologische ideeën
verder uiteenzette over de micro- en macrokosmos de mens als
hoogtepunt van God's schepping en de mens als spiegel waarin de
glorie van de macrokosmos weerspiegeld wordt. Hildegard schreef ook
nog Physica en Causae et Curae (1150), twee werken over
natuurhistorie en de genezende krachten van natuurlijke objecten,
die samen bekend staan als Liber Subtilatum (Het boek van
subtiliteiten van de gevarieerde Natuur der Dingen).
Deze werken waren niet karakteristiek voor Hildegard's manier
van schrijven, inclusief haar correspondentie, in die zin dat ze
niet werden gepresenteerd in de vorm van visioenen en geen
verwijzing bevatten naar een Goddelijke bron of openbaring. Hoe dan
ook, net als haar religieuze geschriften weerspiegelden ze haar
religieuze filosofie, dat de mens het toppunt van God's
schepping is en dat alles op aarde bestaat om door de mens gebruikt
te worden.
Haar wetenschappelijke denkbeelden waren afgeleid van de oude Griekse kosmologie van de vier elementen: vuur, lucht, water en aarde, met hun complementaire eigenschappen als hitte, droogte, vocht en kou, en de bijbehorende vier essentialia in het lichaam: (gele) gal, bloed, slijm en melancholie (zwarte gal). De menselijke gesteldheid was gebaseerd op de overmacht van een van de twee bitterheden en een van de twee andere essentialia . In het Nederlands hebben we daar onder andere de uitdrukkingen "zijn gal spuwen" en "zwartgallig" aan over gehouden. Ziekte verstoorde de subtiele balans tussen de essentialia , en alleen het nuttigen van de juiste plant of het juiste dierlijke product dat de eigenschap bevatte waar je gebrek aan had, kon het gezonde evenwicht herstellen. Daarom legde Hildegard bij het beschrijven van planten, bomen, dieren en stenen zo veel nadruk op de eigenschappen van dat object en gaf ze aanwijzingen over het medicinale gebruik ervan.
Boerenwormkruid is heet en een beetje vochtig en is goed tegen alle overvloedig stromende essentialia en wie aan slijmvliesontsteking of hoest lijdt moet boerenwormkruid eten. Het zal de essentialia zo binden dat ze niet zullen overvloeien en aldus zullen ze minder worden.Hildegard's geschriften zijn ook opmerkelijk om hun over het algemeen positieve kijk op seksuele relaties en haar beschrijving van het genot vanuit het gezichtspunt van de vrouw. Waarschijnlijk hebben wij aan Hildegard de eerste wetenschappelijke beschrijving van het vrouwelijk orgasme te danken.
Als een vrouw de liefde bedrijft met een man, brengt een gevoel van hitte in haar geest, dat een zinnelijk genot met zich mee brengt, de smaak van dat genot tijdens de daad over en roept de afgifte van het zaad van de man op. En als het zaad op zijn plaats is gevallen trekt die hevige hitte van haar geest het zaad naar zich toe en houdt het vast, en spoedig trekken de vrouwelijk organen zich samen, en alle delen die zich openen tijdens de menstruatie sluiten zich nu, op dezelfde manier waarop een sterke man iets in zijn vuist ingesloten kan houden.Zij schreef ook dat de sterkte van het zaad het geslacht van het kind bepaalt, terwijl de hoeveelheid liefde en passie de ligging van het kind bepalen. In het slechtste geval, waarin het zaad zwak is en de ouders geen liefde voelen, leidt dit tot een "bittere dochter".
Er zijn wat aardige citaten van Hildegard bekend, die ons duidelijk maken hoe belangrijk muziek voor haar was. "Muziek doet ons ontwaken uit onze luiheid." Sprak ze een tot een van de nonnen in haar klooster, en het is duidelijk dat Hildegard zelf beslist niet van luiheid beticht kon worden.
Een tweede
citaat luidt: "Muziek maakt een koud hart warm."
Hildegard wijdde haar leven aan het onderwijzen van anderen en het
vereren van God, maar zorgde ook voor mensen bij wie het
"bloed verstild was in de aderen". Juist deze mensen
hadden muziek nodig om het verstilde bloed weer los te maken en om
hun hart te verwarmen dat door alle zonden en slechte daden verkild
was. Muziek hielp het effect van God's straf om te keren zo
lang de muziek God maar verheerlijkte.
Een derde citaat, "Mensen zijn het muziekinstrument van God", stelt ons in staat ons te realiseren dat het verheerlijken van God de meest belangrijke bestaansreden voor muziek was. Hildegard stelde zich voor, dat God de muziek van zijn volgelingen gebruikte om het woord aan anderen te verkondigen. Er is zelfs historisch bewijs, dat bepaalde muziekinstrumenten louter en alleen ontworpen zijn ter ere van het christendom.
Hildegard schreef psalmen en sequensen ter ere van heiligen, maagden en Maria Ze schreef in de traditie van de eenstemmige zang, die uit slechts één melodielijn bestond en in de liturgisch muziek van haar tijd gebruikelijk was. Haar muziek staat de laatste jaren weer sterk in de belangstelling en de groep Sequentia heeft een groot deel van Hildegard's muzikale nalatenschap op de plaat gezet (onder het Duitse label Harmonia Mundi) ter gelegenheid van haar 900ste geboortedag in 1998. Vooral de opname Canticles of Ecstasy is fantastisch. De liefhebbers van dit soort muziek moeten, om een idee te krijgen van de metaforische manier van schrijven van Hildegard, vooral ook eens de vertaling van de Latijnse teksten lezen, die doordrenkt zijn van levendige beschrijvingen van kleur en licht die ook in haar visionaire geschriften gevonden kunnen worden.
Er zijn vele aspecten aan Hildegard's muziek die haar tot een muzikaal genie van haar tijd maken. Voor het niet geoefende oor lijkt haar muziek veel op het gregoriaans met zijn eenstemmige melodielijn, maar het was feitelijk totaal anders. Hildegard's muziek was veel complexer en een uitdaging voor zowel de muziekhistorici van nu als voor de uitvoerenden van toen.
Haar composities waren ongelooflijk inspannend. Het is bekend dat tijdens uitvoeringen van haar muziek regelmatig musici tegen de vlakte gingen. Haar muziek vereiste het uiterste van de stem, waarbij de uiterste grenzen van het bereik werden gebruikt. Vaak schreef ze een rustige lyrische passage, onmiddellijk gevolgd door schokkende luide uitbarstingen en geschreeuw.
Door haar gevarieerde gebruik van thema's en stijlen, kon ze haar liederen niet tot een toonsoort beperken. Binnen een compositie schakelde ze vaak van de ene toonsoort op de andere over om variatie te creëren
Deze extreme variëteiten in haar muziek voldeden absoluut niet aan de strenge eisen die aan Gregoriaanse muziek gesteld werden. Met het gave voor melodieuze eenvoud werd ze vaak vergeleken met een bel canto opera componist. Voor een vrouwelijk componist stond dat in haar tijd zo'n beetje gelijk aan de status van een middeleeuwse rock ster en men is het er nu wel over eens, dat ze haar tijd ver vooruit was.
Thematische ontwikkeling is een ander kenmerk dat in Hildegard's muziek duidelijk is aan te wijzen. Pas veel later vinden we vergelijkbaar gebruik van thematisch materiaal bij andere componisten, zoals Haydn, en Mozart, die het vernieuwen van thema's gebruikten om technisch uitdagende composities te schrijven. Ook bij andere componisten, zoals Schubert, Tchaikovsky, Berlioz, en Mendelssohn zien we stijlelementen die eerder alleen bij Hildegard gevonden worden. Je zou daarom kunnen stellen dat de composities niet tot een bepaalde historische periode horen, maar eerder een voorloper zijn van wat later zou ontstaan. Brendan Doyle zegt in elk geval in zijn boek "Hildegard of Bingen's Divine Works," dat haar muziek uniek is voor haar tijd en zelf uniek voor alle tijden.
Een van de vreemdste en meest intense symptomen van migraine en het meest moeilijk te beschrijven en analyseren, is het optreden van gevoelens van plotselinge bekendheid en overtuigen... of het tegenovergestelde. Zulke toestanden worden ervaren, voor een moment en incidenteel, door iedereen; hun optreden bij migraine kenmerkt zich door hun overweldigende intensheid en relatieve lange duur.Het is een eerbetoon aan de opmerkelijke geest en de intellectuele vermogens van deze vrouw dat ze in staat was een uitputtende ziekte om te zetten in het woord van God en er zo veel mee te scheppen.
Hildegard hield voet bij stuk. Enkele maanden voor haar dood worden al haar rechten hersteld. Dit inspireert haar tot het schrijven van wellicht haar mooiste werk: "Over het vitale belang van muziek voor een ethisch en spiritueel leven."
Op 17 september 1179, op 81 jarige leeftijd, overlijdt ze. Getuigen zien op dat moment hoe vanuit de hemel een lichtschijnsel op haar sterfkamer valt. Ze werd begraven op het kloosterkerkhof en vond haar laatste rustplaats pas in 1642, toen haar gebeente werd verplaatst naar de parochiekerk in Eibingen.

| Andere historische personen. |
Kees Couprie |
Andere pagina's van dezelfde auteur. |