Robin
HoodWie diep gaat spitten in mythen en legenden komt vaak wel een historische persoon of gebeurtenis tegen, waarop die mythe of legende gebaseerd is. En ook bij deze Robin Hood is dat het geval. Maar laten we eerst even wat historische feiten op een rijtje zetten.
Richard I (1157-1199), was een van de drie zonen van Henry II en Eleanor
van Aquitaine. In 1172 werd hij hertog van Aquitaine en raakte in 1173
in een onfrisse strijd verwikkeld met zijn vader, waarbij hij geholpen
werd door zijn broers Henry en Geoffrey. De jongste broer, John, deed niet
mee, maar die zou later een belangrijke rol spelen in het leven van Richard.
Toen Henry II in 1189 overleed, was zijn oudste zoon Henry al niet meer
in leven en werd Richard tot koning gekroond.
Richard Leeuwenhart, zoals hij al snel genoemd zou worden, was vrij populair bij de Saksische burgerij en adel. Flink wat Saksische edelen vergezelden hem toen hij in 1190 op kruistocht ging. Samen met zijn toenmalige bondgenoot, Philip II van Frankrijk, schreef hij menig overwinning op zijn naam. Dat hierbij ongetwijfeld heel wat onschuldige "Muzelmannen" het leven hebben gelaten, wordt in de meeste geschiedenisboekjes niet vermeld.
In 1192 vond Richard het welletjes, sloot een verdrag met Saladin, waarbij Christenen toegang tot de heilige stad kregen en ging op huis aan, mede omdat hem ter ore was gekomen dat zijn broer John (Jan Zonderland), die hij als regent had achtergelaten, druk bezig was om steeds meer macht naar zich toe te trekken, hierbij gesteund door Philip II. Onderweg, in 1192, werd Richard echter door Leopold van Oostenrijk gevangen genomen en overgedragen aan de Duits Roomse keizer Hendrik VI, die een flinke losprijs wilde hebben en tevens eiste dat Engeland zich als vazal aan het heilige Roomse rijk onderwierp. Prince John maakte bepaald geen haast met het bijeenbrengen van de losprijs, maar desondanks werd Richard in 1194 vrijgelaten.
Richard werd door zijn broer niet bepaald met open armen ontvangen. Sterker nog, het draaide uit op een stevig robbertje vechten, maar Richard was kennelijk nogal vergevingsgezind. John werd niet terechtgesteld of verbannen, zoals je in deze omstandigheden zou mogen verwachten, noch onterfd. Na Richard's dood werd John zelfs tot koning gekroond.
Na de terugkeer van Richard in Engeland, hingen vrijwel alle kastelen en steden de huik naar de wind en toonden zich plotseling voorbeeldige aanhangers van Richard. Eigenlijk was er maar één kasteel dat hardnekkig weerstand bleef bieden. Richard belegerde Nottingham en op 28 maart 1194 gaven de sheriff en zijn mannen zich over. De volgende dag Vierde Richard feest in Sherwood Forest.
Een aantal belangrijke personen, plaatsen en situaties uit de verhalen rond Robin Hood hebben echt bestaan: Sherwood Forest, vogelvrijen die zich daar verbergen, Nottingham, de sheriff, Prince John Lackland (Jan Zonderland), sir Guy of Gisbourne, de macht van en het machtmisbruik door de hogere geestelijkheid, de belachelijk strenge wetgeving betreffende de stroperij, het is allemaal historisch juist.
De
sheriff van Nottingham was feitelijk een soort ambtenaar. Het koningrijk
was verdeeld in districten, de shires. De koning stelde beheerders aan,
meestal ridders, die verantwoordelijk waren voor het innen van de belastingen
en het handhaven van de wet. De beheerders, de shire reeves (sheriffs)
waren bepaald niet geliefd bij de Saksische bevolking, maar uit niets blijkt
dat de sheriff van Nottingham strenger of wreder was dan zijn collegae
uit andere streken. Alleen zijn hardnekkige weerstand na de terugkeer van
Richard pleit tegen hem.
Little John, de vriend en vertrouweling van Robin Hood, is zonder meer de meest geloofwaardige van de Merry Men. Hij komt al in de oudste ballades voor, die overigens pas rond 1350 op schrift werden gesteld en voordoen mondeling werden overgeleverd. Zijn echte naam zou John Little geweest zijn, maar hij wordt ook genoemd als John Naylor of le Nailer.
Much (Midge of Nick), de zoon van de molenaar, is vooral belangrijk in de verhalen, omdat hij vaak wordt opgevoerd als oorzaak van het buiten de wet stellen van Robin. Een onduidelijke persoon. Soms wordt hij voorgesteld als een goede, beetje sullige jongen. In andere verhalen lijkt hij verdacht veel Little John. Groot, sterk als een os, een geduchte vechtersbaas en vooral een hart van goud.
Will
Scarlet (Scarlett, Scarlock, Scadlock of Scatheloke) heeft ook al zo'n
dubbele identiteit. In de oudste ballades wordt hij ook al afgeschilderd
als een soort fotokopie van Little John, hoewel hij soms de neiging heeft
zichzelf als een beter leider te beschouwen dan Robin. Later is Will Scarlet
plotseling een beetje fatterig type, dat gekleed gaat in rode zijde en
zijn tijd vult met gedichten en muziek. Soms wordt Will genoemd als zoon
van Robin's zuster en soms als zoon van diens oom/tante (cousin). In andere
verhalen is er helemaal geen familieband en is Will een huurling die de
verkrachting van en moord op zijn vrouw heeft gewroken en daardoor
vogelvrij is verklaard. Hoe dan ook, er zijn nogal wat tegenstrijdigheden
in deze figuur.
Friar Tuck speelt een belangrijke rol in de verhalen van Robin Hood. Hij zou afkomstig zijn van Fountains Abbey in Yorkshire of Fountaindale. Soms wordt hij afgeschilderd als de kluizenaar van Copmanhurst of zelfs als de kapelaan van de sheriff. Er is alleen een probleem met deze figuur. Ten eerste komt hij in de oudste ballades niet voor, maar veel belangrijker is, dat de eerste friar pas in Engeland verschijnt na 1225, ruim 25 jaar na Richard's dood.
Maid
Marian is ook al een geval apart. Ze verschijnt pas laat in de ballades
en het is volstrekt onduidelijk wie ze eigenlijk is. Soms is ze de dochter
van Lord Fitzwalter, soms staat ze onder voogdij van de sheriff of Prince
John en soms is ze een jeugdvriendin van Robin. Niet zo lang geleden kwam
professor Stephen Knight met een aardige verklaring voor de late verschijning
van Marian. Volgens hem was Robin Hood homoseksueel. In de twaalfde eeuw
en eerste helft van de dertiende eeuw was homoseksualiteit een geaccepteerd
verschijnsel, maar in de veertiende eeuw veranderde dat en werd voor de
gemoedsrust van de heteroseksuele lezer deze jongedame aan de verhalen
toegevoegd. Misschien was Marian oorspronkelijk helemaal geen vrouw, maar
een jongen of man. Het zou in elk geval wel een verklaring kunnen zijn
voor het feit dat deze "dame" zich vaak verkleedt als page, om zo boodschappen
over te kunnen brengen naar Robin en soms zelfs mee te vechten, wat voor
vrouwen uit die tijd op zijn zachts gezegd ongebruikelijk was. Engelse
homo-organisaties reageerden in elk geval verheugd op Knight's onthulling,
maar conservatieve Britten waren uiteraard not amused.
En nu Robin zelf. In de oude ballades is hij een nogal rouwe klant, die er niet voor terugdeinst zijn tegenstanders een kopje kleiner te maken. Later wordt hij veel menslievender. Dat hij van de rijken stal om aan de armen te geven is een laat verzinsel. In de ballades komt het beeld naar voren van een Saksische edelman of vrije burger, die de overheersing door de Normandiërs niet kan verkroppen en de invloed van de Normandiërs zoveel mogelijk probeert terug te draaien. Hij geeft niet aan de armen, maar steelt van de Normandiërs wat deze eerder van Saksische edelen of burgers hebben afgepakt. Dat Robin bij de lagere standen (tot aan lijfeigenen toe) toch populair werd, is waarschijnlijk meer te danken aan het feit dat hij tegen de zo gehate Normandiërs vocht dan aan zijn vrijgevigheid.
Waarom Robin vogelvrij is verklaard is ook niet duidelijk. In sommige verhalen probeert hij het leven te redden van de stroper Much, de zoon van de molenaar. In andere verhalen neemt hij wraak voor de moord op zijn vader in de plaats Locksley of voor het onteigenen van zijn land. De meest gewelddadige verklaring is, dat Robin als 15-jarige op weg was naar de jaarmarkt in Nottingham. Een groepje van 15 houtvesters bespotte de jongen en daagde hem uit tot een schietwedstrijd, die uiteraard door Robin gewonnen werd. Toen de houtvesters de afgesproken prijs van 20 marken niet wilden betalen en hem in plaats daarvan een stevig pak rammel wilden geven, schoot Robin ze allemaal dood.
Robin's favoriete wapen, de longbow (grote handboog), levert een dik probleem op. Dit wapen werd pas rond 1250 vanuit Wales in Engeland ingevoerd en kan dus nooit ten tijde van koning Richard in de buurt van Nottingham gebruikt zijn.
Net
buiten het plaatsje Kirklees bevindt zich een graf, waarin volgens het
opschrift de resten liggen van "Robin Heud", "enemy of the Sheriff of Nottingham".
Als sterfdatum staat vermeld 25 december 1247. Dat is dus een flink aantal
jaren na de terugkeer van koning Richard. Helaas is deze steen hoogstwaarschijnlijk
een aardigheidje dat later aan het graf is toegevoegd en is nu absoluut
niet meer te zeggen wie op deze plaats begraven is.
Was Robin echt de Earl of Huntington? Deze persoon heeft in elk geval echt bestaan en leefde van 1160 tot 1247. Zijn voornaam was echter geen Robin of Robert, maar David. Verder is er helemaal niets bekend van een periode waarin deze Earl of Huntington vogelvrij geweest zou zijn. Het is in elk geval wel duidelijk dat hij een goede relatie onderhield met Richard I. Het is zelfs bekend dat hij aanwezig was bij het feest dat Richard vierde na de overgave van Nottingham in 1194, maar daar blijft het eigenlijk wel bij. Een ander probleem met deze identiteit is, dat Robin Hood in een flink aantal balladen vecht aan de zijde van koning Edward II (de achterkleinzoon van John Lackland) en die regeerde een dikke eeuw later.
Of Robin of Locksley, met wie Robin Hood vaak geassocieerd wordt, ooit echt bestaan heeft, is volstrekt onduidelijk. De plaatsen Locksley en Loxly bestaan wel, maar van een moordpartij of onteigening ter plaatse is niets bekend.
De naam van Robin Hood komt voor in nog een aantal officiële documenten, maar dat kan nooit dezelfde persoon geweest zijn. Misschien gaat het om een kleinzoon of neef? In elk geval is het wel aardig een paar van die vermeldingen eens te bekijken:
Tussen
1285 en 1295, liet Adam Hood, houtvester in dienst van de Earl of Warenne,,
zijn zoon Robert dopen in Wakefield.Zijn de verhalen over Robin Hood dan gebaseerd op twee, of misschien wel drie personen? Onmogelijk is het niet! Sterker nog, in de mythevorming kom je dit verschijnsel vaker tegen! Het zou in elk geval wel een mooie verklaring zijn voor de tweeslachtige beschrijvingen van Will Scarlet, Much de molenaarszoon en vele anderen die hier niet eens genoemd zijn. Ook de late verschijning van Friar Tuck en Maid Marian en het gebruik van de longbow zouden verklaard kunnen worden, door er vanuit te gaan dat ze niet met de eerste Robin Hood te maken hebben, maar met de tweede of derde. Overigens werd in de dertiende en veertiende eeuw de naam Robin Hood vaak gebruikt als tijdelijke naam voor misdadigers van wie de echte naam nog niet bekend was. Een soort middeleeuwse John Doe.
Dat Robin Hood bestaan heeft is nu wel duidelijk, maar of we te maken
hebben met één, twee, drie of misschien wel twintig historische
personen, zullen we waarschijnlijk nooit meer te weten komen. Hoe dan ook,
de geest van Robin Hood leeft nog steeds voort in de harten van vele Engelsen.
| Andere historische personen. |
Kees Couprie |
Andere pagina's van dezelfde auteur. |