De oudste geborduurde stoffen die men heeft ontdekt,
dateren uit 850. In de Middeleeuwen werden in
Europa vooral kerkelijke gewaden geborduurd.
Dit gebeurde op zijde met gouddraad.
Het waren zeer gedetailleerde en gecompliceerde
motieven.
Tijdens de Renaissance werd het borduren steeds
meer gebruikt voor wereldse doeleinden.
Leden van het koninklijk huis en mensen van
adel droegen rijkversierde kleding. Ook werden
stukken stof naar het oosten gestuurd om
geborduurd te worden, China is nog steeds
internationaal geroemd om het zeer fijne borduurwerk.
In de zeventiende eeuw werd het bekleden van
meubilair met borduurwerk populair. Door de
handel met het Verre Oosten kwamen de oosterse
motieven naar Europa, zoals exotische vogels en bloemen.
Rond 1850 werd de borduurmachine uitgevonden.
Dit betekende het einde van de glorietijd van de
borduurkunst. Kerken blijven een belangrijke
opdrachtgever, zoals bijvoorbeeld in Spanje,
daar worden nog steeds mantels geborduurd voor
processiebeelden uit de semana santa op de oude
manier, ook kazuifels worden nog steeds met
de hand geborduurd.
Veel oude stoffen waren in reliëf geborduurd om zo
een duidelijk beeld te creëren; dit was zeer zwaar
omdat onder het borduurwerk vulsels van karton,
papier en wol zaten. Vaak werden deze motieven
dan ook geborduurd door mannen met veel kracht.
En nu is er dus een geavanceerde computer die kan borduren!