Familieoverzicht

 

I

Roeliff Wilhelms

* circa 1570

Molenaar te Rijsberkampen (sedert 1614)

 

x circa 1595

 

Hille Jans

* circa 1570

Mogelijk zuster van Remmelt Jans Smith

 

Uit dit huwelijk tenminste:

1.        Hillebrand Roeleffs. Volgt II.

2.        Jan Roeleffs Bloema, stelling te Boyl (al in 1627) en boer/landeigenaar aldaar, gehuwd voor 1626 met Jantien Remmelts (echtelieden in 1658), dochter van Remmelt Jans Smith, grootgrondbezitter te Boyl. Uit dit huwelijk tenminste één zoon: Jan Jansen Bloema.

 

In 1614 kochten Roeliff Wilhelms en Hille Jans “sekere moele met syn annex vanden huysingh ende plaetse” met tuin – “geerden” – te Rijsberkamp van Roeliff Benes en Neel Claesdr voor 240 philippusgulden. In 1662 verkochten de erfgenamen van zoon Hilbrant Roeloffs deze “wyntmolen … met een hoorn ertoebehorende exemt seilen ende touuen” te Rijsberkampen onder Boyl aan Otte Wichbolts en Aeltien Claesdr te Rohel voor 575 carolusgulden.

Vlakbij waar de molen heeft gestaan is tegenwoordig nog een huis gelegen met de naam Molenpolle. In de muur daarvan is een stuk molensteen gemetseld, dat mogelijkerwijs van de molen die daar gestaan heeft afkomstig is (zie afbeelding).

 

 

 

II

Hillebrand Roeleffs

Zoon van Roeliff Wilhelms en Hille Jans

Molenaar, en boer en landeigenaar te Boyl

+ tussen 1652 en 1662

 

x (1) voor 1620

 

 

x (2) voor 1644

 

Anne

+ voor 1644

 

Reynst Thomasdr

+ na 1652

 

Kinderen van Hillebrand Roeleffs, vrijwel zeker allen bij Anne: 

1.        Willem Hilbrants, * circa 1630, + voor 1670, x voor 1660 met Hendrickien Andrys, + in 1675.

2.        N. Hilbrants, * circa 1630-1635, x in circa 1655 met Cornelis Eyts

3.        Banier Hilbrants, * voor 1640. Volgt III.

4.        Jan Hilbrants, + na 1682, x (1) voor 1657 met Eepck Hansdr (2) in 1665 met Jebbe Erents.

 

Hilbrant Roeleffs was tot zijn dood eigenaar van de door zijn ouders gekochte molen met het bijbehorende huis te Rijsberkampen. Het is aannemelijk dat hij het merendeel van zijn activiteiten daar uitoefende.

In de decennia daarvoor was Hillebrand Roeleffs een aantal malen actief op de onroerendgoedmarkt, eerst eenmaal met zijn eerste echtgenote Anne, later met zijn tweede echtgenote Reynst Thomasdr. Later was dit bezit in handen van zijn kinderen.

 

 

III

Banier (Nier) Hilbrants

Zoon van Hillebrand Roeleffs en hoogstwaarschijnlijk Anne

* voor 1640

+ tussen 1698 en 1704

Boer en landeigenaar te Boyl

 

x voor 1665

 

Gretje Claesdr

Dochter van Claes Anders Rijs, landeigenaar te Boyl, en Beerte Jacobs

 

Uit dit huwelijk:

1.        Anne Banierts, + voor 1728, x in circa 1690 met Freerk (ook Frederick of Frerick) Martens Hofman. 

2.        Claesjen Benierts, x (1) voor 1690 met Jacob Lourents, dorpsrechter te Vinkega, en (2) in 1707 met Baerte Sieerps.

3.        Hiltie Banierts, + tussen 1748 en 1758, x – vermoedelijk tussen 1704 en 1718 – met Hendrik Jans Enting.

4.        Willem Banierts, * circa 1680. Volgt IV.

 

Gretje Claesdr was een dochter van Claes Anders Rijs en kleindochter van Anders Claes en Trine/Catharina. Bovendien was zij een nicht van Hendrickien Andrys, de echtgenote van haar zwager Willem Hilbrants (zie generatie II). Banier Hilbrants had het getroffen met zijn schoonvader. Claes Andries Rijs was in 1640 eigenaar van de sates bewesten van het dorp Boyl met stemmen 19, 20 en 23 en hij liet dat bezit na aan zijn kinderen, Gretje Claesdr en Roeloff Claesen. Het voor de familie belangrijke bezit van stemmen 19 en 20 zou door vererving tot 1791 in de familie blijven.

 

 

IV

Willem Banierts

Zoon van Banier Hilbrants en Gretje Claesdr

* circa 1680, waarschijnlijk te Boyl

+ voor 1718 Boyl

Stelling van Boyl, boer en landeigenaar aldaar

 

x circa 1705

 

Geesjen Lefferts

Dochter van Leffert Wolters Rabringh, zuster van Wolter Lefferts Rapringa

+ voor 1718 Boyl

Uit dit huwelijk:

1.        Benier Willems, geboren circa 1707 Boyl, leefde nog in 1721, + voor 1768 (kinderloos).

2.        Gretjen Willems, * circa 1709 Boyl, + tussen 1788 en 1791, x 3-5-1739 Oldeberkoop met Pieter Cornelis Backer,.

3.        Jan Willems, * circa 1711 Boyl, + in 1777 of 1778 Boyl.

4.        Albertjen Willems, * circa 1713 Boyl, + na 1791, x circa 1733 met Albert Jans, boer te Elsloo, later te Boyl.

5.        Leffert Willems, * circa 1716 Boyl. Volgt V.

 

Willem Banierts was stelling van Boyl, een functie die in de Stellingwerven voorkomt en vergelijkbaar is met de dorpsrechter en/of ontvanger in de rest van Friesland.

Willem Banierts erfde met zijn zusters het onroerend goed van zijn ouders, dat oorspronkelijk had toebehoord aan zijn grootvader Claes Anders. Verder heeft hij vele sporen in de archieven achtergelaten als koper van onroerend goed en lener van geld. Zo kocht hij in 1704 met zijn zwager Frerick Martens en zijn zuster Hiltjen Benierts een aandeel in de sate waarop Hendrik Claessen boerde, “als mede vijff eycken stambomen staende op de vercopers lant”, van Marrighien Peters te Boyl, mede vanwege haar kinderen bij wijlen haar man Wybe Peters voor 115 carolusgulden 14 stuivers.

De kinderen van Willem Banierts en Geesjen Lefferts werden door de dood van hun ouders voor of in 1718 op jonge leeftijd wees. Er zijn diverse archiefstukken te vinden met betrekking tot hun voogdij, om te beginnen met een stuk van 4 augustus 1718 toen Hendrik Jans, aangetrouwde oom aan vaderszijde, en Hillebrant Jans, neef aan vaderszijde, werden aangesteld tot voogden over Banier, in zijn 12de jaar, Greetjen, in haar 10de, Jan, in zijn 8ste, Aalbertje, in haar 6de, en Leffert Willems, in zijn 3de jaar, nagelaten weeskinderen van Mr. Willem Baniers, stelling van Boyl, bij Geesjen Lefferts, beiden overleden. Grootvader van moederszijde, Leffert Wolters Rabringh, liet zich verschonen. Voorts aanwezig Hillebrant Corneelis, neef van vaderszijde, en Hillebrant Freerx, neef.

 

 

V

Leffert Willems

Zoon van Willem Banierts en

Geesjen Lefferts

* circa 1716 Boyl

+ tussen 1779 en 1788

Timmerman te Elsloo, diaken te Makkinga, Elsloo en Langedijke

 

x circa 1744

 

Aaltje Hendriks

Dochter van Hendrik Jans, boer te Ooster- wolde en Appelscha, en Maertje Jacobs

~ 16-12-1722 Oosterwolde

+ na 1791

 

 

Uit dit huwelijk:

1.        Willem Lefferts Westra alias Stellingwerf, ~ januari 1745 Makkinga, + 9-5-1825 Sint Johannesga, schoolmeester te Sint Johannesga, bij overlijden veldwachter, x 19-4-1772 Sint Johannesga Jantje Paulus Ackerman, * circa 1757 Giethoorn, 19-3-1821 Sint Johannesga, dochter van Paulus Jans Akkerman en Geesjen Roelofs Drabbe, die op 3-3-1751 met attestatie van Giethoorn naar Rohel waren gekomen.

2.        Hendrik Lefferts (Oostwoud), ~ 25‑9‑1746 Elsloo. Vermoedelijk + voor 1811, x 29-7-1764 Hoornsterzwaag Beertien Bartels, dochter van Bartel Saakes en Jantje Andries, * november 1740 Appelscha, ~ 4-12-1740 aldaar.

3.        Geesjen Lefferts, ~ 7‑12‑1749 Makkinga, + 18-7-1808 Oldeberkoop, x 14‑5‑1775 Elsloo met Hil(le)brand Alberts (Boerstra), zoon van Albert Hilbrands, ~ 1‑8‑1734 Donkerbroek, + 18-7-1808 Oldeberkoop. Jan Lefferts Elslo(o), ~ 15‑8‑1751 Elsloo. Volgt VI.

4.        Banier Lefferts Stellingwerf, ~ 29‑6‑1760 Makkinga, + 13‑5‑1825 Oldeberkoop (Ooststellingwerf), timmerknecht (bij overlijden), x 27‑5‑1787 Oldeberkoop met Aaltje Hylkes (ook Hielkes), * 8-3-1763 Oldeberkoop, + 6‑12‑1821 Oldeberkoop (Ooststellingwerf).

5.        Maertjen Lefferts Stellingwerf, ~ 5‑12‑1762 Elsloo, + 22-6-1835 Bovenknijpe (gem. Schoterland), x Rimke Jans Haanstra, arbeider, + 6-5-1841 Schoterland.

 

Leffert Willems komt in de reëelkohieren van Elsloo voor het eerst voor in 1746. Hij woonde toen – en voor het laatst in 1769 – in het huis met reëelnummer 22, dat 26 carolusgulden huur deed. In 1770 komt hij voor op nummer 4, met een huurwaarde van 50 carolusgulden. Van 1774 tot en met 1779 huurde hij tevens nummer 5, ook met 50 carolusgulden huurwaarde.

Bij de quotisatie van 1749 betaalde hij f 27-7 belasting, waaruit blijkt dat hij beslist niet armlastig was.

Lefferts Willems erfde van zijn vader een aandeel in de sate te Boyl, die in 1619 was gekocht door Claas Andries Rijs en via diens schoonzoon, Banier Hilbrants, in de familie was gekomen. De weduwe van Leffert Willems verkocht dit bezit in 1791. Leffert Willems was rond 1750 diaken te Makkinga, Elsloo en Langedijke.

Aaltje Hendriks wordt in het Lidmatenboek van Oldeberkoop en Nijeberkoop genoemd als weduwe van Leffert Willems, als zij op 4 april 1789 vertrekt van Makkinga naar het nabij gelegen Oldeberkoop: “Oud‑Berkoop is alhier overgekomen als leedemaat met attestatje Aaltje Hendriks Wedue Leffert Willems de 4 April van Makkinga”.

 

 

VI

Jan Lefferts Elslo(o)

Zoon van Leffert Willems en

Aaltje Hendriks

~ 15‑8‑1751 Elsloo

+ 13‑2‑1824 Niehove

(gem. Oldehove) “in het huis geteekend no. 13 te Niehove binnen deze gemeente”

Schoolmeester

 

x Niehove, kort na 4‑5‑1777

 

Tietje Aukes (ook Tytje)

Mogelijk dochter van Auke Jelis

Geboortedatum en -plaats onbekend

Begraven 15‑9‑1804 Niehove

“Schoolonderwijzersche”

 

 

Uit dit huwelijk:

1.        Leffert Jans Elslo, ~ 28‑3‑1779 Niehove. Volgt VII.1.

2.        Hindrik Jans Elslo, * 29‑3‑1786 Niehove. Volgt VII.2.

 

Jan Lefferts Elslo(o) was al schoolmeester in Haulerwijk en in 1773 wordt hij al als schoolmeester genoemd in het diaconieboek van Makkinga, Elsloo en Langedijke. Vanaf 1777 was Jan Lefferts Elslo(o) schoolmeester in Niehove (provincie Groningen), hetgeen hij zou blijven tot zijn dood in 1824. Net als in vele andere plaatsen was het beroep van schoolmeester in Niehove gecombineerd met dat van koster en mogelijkerwijs ook met dat van organist. Jan Lefferts Elslo(o) was tevens secretaris van de Homsterland en Saaxumer Zijlvest. Jan Lefferts Elslo(o) werd in 1795 beroepen aan de buurtschool in Drachten, doch bedankte daarvoor.

Meester Elslo komt veelvuldig voor in de financiële administratie van de Hervormde Gemeente van Niehove (1773-1802) en de diaconie. Destijds betaalde de diaconie het schoolgeld voor armlastigen. Regelmatig zijn er betalingen aan Meester Elslo verantwoord van kost- en schoolgeld voor diaconiekinderen en voor boeken, papier, pen en inkt, maar ook is er bijvoorbeeld in 1783 een betaling “wegens linnen najen volg. Quit. 4 guldens en 18 stuivers” en op 28 oktober 1792 “voor wijn en broot in ’t Avondmaal in d. Maand Junij en Sept. Gebruikt volgens Hant Bet. Som 2 guldens en 8 stuivers”. De laatste vermelding is uit 1824 en dateert van kort na Meester Elslo’s dood: “Febr. 19  Bij Begraving van Meester Elslo in Bekken bevonden voor het gebruik van laken 4 guldens 31 stuivers”.

In het Eerste District van het Departement Wester Eems, waartoe Niehove behoorde, was Theodorus van Swinderen (1784-1851) schoolopziener. Van hem en zijn collegae van de andere districten zijn de bezoekverslagen aan de scholen bewaard gebleven. Daarin komt Meester Elslo er bepaald niet goed vanaf. Zo schrijft Van Swinderen in 1810: “Den 19 van Zomermaand. Meester Elslo is een oud en stijf man. Ik vond geene der raadgevingen, die ik hem bij mijn vorig schoolbezoek medegedeeld had opgevolgd. Meestal gebruikt de man nog oude schoolboeken, en van de klassicale verdeeling is in zijne school geen spoort te vinden. Hij had 33 kinderen op school, die dus een aller ellendigst onderwijs ontvingen”. In 1812 is hij echter wat positiever: “In de school van Meester Elslo, daar ik anders altijd met zoveel verdriet was, vertoefde ik in der daad nu met eenig genoegen, want schoon het onderwijs des 18 kinderen, welke ik er vond, voor vele verbeteringen vatbaar is, waar er toch eenige kinderen, die zeer goed lazen, en zeer wel begrepen, wat zij lazen.”  De negatieve mening van Van Swinderen kan echter genuanceerd worden en moet mede in het licht worden gezien van de verandering van het onderwijssysteem van hoofdelijk naar klassikaal in 1806 en het vermoedelijk bestaan van een onoverbrugbare generatiekloof tussen de oude Elslo en jonge, ambitieuze Van Swinderen.

 

 

VII.1

Leffert Jans Elslo (ook Elselo)

Zoon van Jan Lefferts Elslo(o) en

Tietje Aukes

~ 28‑3‑1779 Niehove

+ 15-10-1803 Huizinge

Schoolmeester te Huizinge

 

x 21‑10‑1798 Huizinge

 

Trientje Jacobs Koiter (ook Trijntje)

Dochter van Jacob Warnders Koiter, landbouwer op Drysterborg te Middelstum, en Trijntje Jannes

Weduwe van Harmannus Pieters Westerhoff, schoolmeester te Middelstum

~ 2‑10‑1768 Zuidwolde

+ 4-10-1803 Huizinge

Uit dit huwelijk:

1.        Tietje Auckes Lefferts Elslo, * 18‑2‑1799 Huizinge. Volgt VIII.1.

2.        Jacob Lefferts Elslo, * 23‑1‑1801 Huizinge. Volgt VIII.2.

3.        Catharina Lefferts Elslo, * 12‑10‑1802 Huizinge. Volgt VIII.3.

 

Leffert Jans Elslo was eerst adjunct schoolmeester bij zijn vader in Niehove en sedert mei 1797 schoolmeester en koster in Huizinge. De kinderen van Leffert en Trientje werden op jonge leeftijd wees. Tietje, Jacob en Catharina zijn in respectievelijk 1799, 1801 en 1802 geboren, hun ouders zijn kort na elkaar in oktober 1803 overleden. Bij de huwelijksakte van Tietje uit 1821 is een verklaring gevoegd van haar voogden, namelijk Jacob Egberts Huizingh, deurwaarder wonende te Middelstum en Beerend Kornelis Renkema, landbouwer te Huizingh.

 

 

VII.2

Hindrik Jans Elslo (ook Hendrik)

Zoon van Jan Lefferts Elslo(o) en

Tietje Aukes

* 29‑3‑1786 Niehove

~ 9‑4‑1786 Niehove

+ 21‑8‑1836 Zuidhorn

Bakkersknecht, arbeider

 

x 24‑1‑1818 Zuidhorn

 

Petronella Frederiks de Ligne

Dochter van Frederik de Ligne, sergeant

en Trijntje Jans, arbeidster

~ 26‑3‑1797 Zuidhorn

+ 11‑1‑1830 Zuidhorn

Kleermaakster, naaister

 

Uit dit huwelijk:

1.        Jan Elslo, * 25‑4‑1818 Zuidhorn. Volgt VIII.4.

2.        Trijntje Hindriks Elslo, * 4‑6‑1821 Zuidhorn. Volgt VIII.5.

3.        Roelf Elslo, * 27‑1‑1824 Zuidhorn. Volgt VIII.6.

4.        Frederik Elslo, * 26‑9‑1826 Zuidhorn. Volgt VIII.7.

 

Ten tijde van hun huwelijk woonden Hindrik en Petronella allebei in Zuidhorn. Van Hindrik werd op dat moment vermeld: “zonder bepaald beroep”. Hindrik Jans Elslo lootte nr. 1550 voor de Nationale Militie, “het welke hem tot geen dienst verpligtte”. Als signalement wordt vermeld:

Lengte 5 voet 3 ½ duim (1 meter 57)

Aangezigt rond

Voorhoofd idem

Oogen bruin

Neus matig

Mond klein

Kin rond

Haar bruin

Wenkbraauwen idem

Merkbare Teekenen weinig pokdalig

 

 

 

Handtekeningen van Hindrik Jans Elslo, Petronella Frederiks

de Ligne, Jan Lefferts Elslo en Trijntje Jans op de huwelijksakte

van Hindrik en Petronella.

 

 

 

VIII.1

Tietje Auckes Lefferts Elslo (ook Elsloo)

Dochter van Leffert Jans Elslo en

Trientje Jacobs Koiter

* 18‑2‑1799 Huizinge

~ 1‑3‑1799 Huizinge

+ 29‑4‑1889 Zuidhorn

Naaister

 

x 19‑7‑1821 Oldehove

 

Ite Pieters Helder

Zoon van Pieter Jans Helder, schipper, en Aafke Jans Zwart (ook Swart)

* 15‑3‑1800 Noordhorn ~ 23-3-1800 Noordhorn

+ 14‑9‑1865 Noordhorn (gem. Zuidhorn)

Eerst schipper, later verver en glazenier, volgens zijn certificaat van de Nationale Militie landbouwer

Uit dit huwelijk:

1.        Jan Helder, * 31-12-1821 Oldehove

2.        Pieter Helder, * 4-12-1823 Oldehove

3.        Pieter Helder, * 10-2-1825 Niehove

4.        Aafke Helder, * 22-10-1828 Niehove

5.        Trijntje Helder, * 23-12-1829 Niehove

6.        Menze Helder, * 14-6-1833 Niehove

7.        Jakob Helder, * 3-3-1836 Niehove

 

Bij het huwelijk van Tietje Elslo en Ite Helder was van zijn kant zijn moeder aanwezig (zijn vader was al overleden) en van haar kant grootvader Jan Lefferts Elslo (beide ouders waren immers overleden toen Tietje 4 jaar oud was). Tietje Elslo en Ite Helder woonden eerst te Niehove, later in de Nieuwstraat, huisnummer 98, te Noordhorn. Tietje Elslo vertrok als weduwe van Ite Pieters Helder op 12 mei 1873 naar Zuidhorn en woonde daar bij haar dochter, Aafke Helder (logementhoudster), weduwe van Klaas Bakker. Aafke en Klaas waren volle neef en nicht. Na het overlijden van Aafke in 1886 woonde Tietje nog bij haar kleinzoon Jelte Bakker. Tietje Elslo werd 90 jaar oud, een in die tijd zeer respectabele leeftijd.

 

 

VIII.2

Jacob Lefferts Elslo (ook Elselo, Elsselo, Elzelo, Elzeloo)

Zoon van Leffert Jans Elslo en

Trientje Jacobs Koiter

* 23‑1‑1801 Huizinge

(gem. Middelstum)

~ 8‑2‑1801 Huizinge

+ 19‑3‑1867 Westerwijtwerd (gem. Middelstum)

Boerenknecht, doodgraver, dagloner

 

x 5‑8‑1835

te Onderdendam

(gem. Bedum)

 

Geertruid Jans Wegman

Dochter van Jan Sijmens Wegman, dagloner en Anje Nannings Wieringa, “daglonersche”

* 25‑8‑1809 Rottum

(gem. Kantens)

+ 9-6-1891 Middelstum

Werkmeid (ten tijde van huwelijk), “daglonersche”

Uit dit huwelijk:

1.        Trijntje Jacobs Elseloo, “buiten de echt” * 10‑5‑1835 Westerwijtwerd (gem. Middelstum). Volgt IX.1.

2.        Jan Jacobs Elseloo, * 12‑2‑1837 Westerwijtwerd (gem. Middelstum). Volgt IX.2.

3.        Anje Elseloo, * 16‑8‑1840 Westerwijtwerd (gem. Middelstum). Volgt IX.3.

 

Ten tijde van hun huwelijk woonden Jacob en Geertruid in Bedum. Trijntje Jacobs Elseloo was een “voorkind”, maar werd wel erkend. In de huwelijksakte van haar ouders is vermeld: “De comparanten echtgenoten Jacob Elslo en Geertruid Jans Wegman, hebben wijders te zamen verklaard dat er door hun, een in onecht verwekt kind bestond, van het vrouwelijk geslacht, ingeschreven in het Register van geborenen der Gemeente Middelstum den elfden mei achttienhonderd vijfendertig, onder de namen van Trijntje Jacobs Elseloo en dat zij comparanten verlangden het kind voor het hunne te erkennen, waarop door mij officier van den Burgelijken stand is verklaard, dat het voorgeschreven kind is gewettigd en dat melding van de tegenwoordige wettiging zal worden gemaakt op de kant harer acte van geboorte”.

Het gezin woonde in de periode 1850-1860 in het dorp Westerwijtwerd, gemeente Middelstum. Jacob Lefferts Elslo behoefde geen dienst te doen, want zijn certificaat van de Nationale Militie vermeldt: “Uit hoofde van Eenige Klein Zoon te zijn finaal is vrijgesteld”. Zijn signalement luidde:

Lengte 1 el 5 pm. 8 dm. 5 str. (158,5 cm)

Aangezigt ovaal

Voorhoofd rond

Oogen grijs

Neus klein

Mond id.

Kin spits

Haar blond

Wenkbrouwen id.

Merkbare Teekenen geene

 

 

VIII.3

Catharina Lefferts Elslo

Dochter van Leffert Jans Elslo en

Trientje Jacobs Koiter

* 12‑10‑1802 Huizinge

~ 31‑10‑1802 Huizinge

+ 17‑12‑1854 Pieterzijl

Dienstmeid (ten tijde van huwelijk)

 

x 12‑8‑1826 Niekerk

(gem. Oldekerk)

 

Jelte Willems Bakker

Zoon van Willem Jeltes Bakker, broodbakker te Niekerk, en

Anje Klasens Venema

* 3‑2‑1797 Niekerk

+ 20‑9‑1866 Pieterzijl

Molenaar en bakker te Marum,

landbouwer te Pieterzijl

Uit dit huwelijk:

1.        Anje Jeltes Bakker, + 12-2-1827 Oldekerk, drie weken na haar geboorte

2.        Willem Jeltes Bakker, * 20-6-1829 Marum

3.        Klaas Jeltes Bakker, * 12-7-1831 Marum

 

Jelte Willems Bakker was door loting vrijgesteld van de dienst in de Nationale Militie. Een boekje over Marum vermeldt dat Jan Reinders Zetsema te Marum in 1834 toestemming kreeg om op de molen onbelast te gaan malen ten behoeve van de bakkers Jelte Willems Bakker en Wietse Willems Bakker, beiden te Marum. Zoon Klaas was gehuwd met zijn volle nicht Aafke Helder, dochter van Tietje Auckes Lefferts Elslo (VIII.1).

 

 

VIII.4

Jan Elslo (ook Elsloo)

Zoon van Hindrik Jans Elslo en Petronella Frederiks de Ligne

* 25‑4‑1818 Zuidhorn

+ 22‑10‑1888 Zuidhorn

Arbeider, dienstknecht

 

Ongehuwd

 

In de periode van 1850-1870 woonde Jan Elslo als dienstknecht in bij Willemina Wieringa-de Waard, winkelierster aan de Bril in Zuidhorn. In de periode 1870‑1880 woonde hij bij zijn zwager en zuster Albert Postema en Trijntje Elslo.

 

 

VIII.5

Trijntje Hindriks Elslo (ook wel Trientje)

Dochter van Hindrik Jans Elslo en Petronella Frederiks de Ligne

* 4‑6‑1821 Zuidhorn

+ 13‑1‑1912 Groningen

Naaister

 

x (1) op 21‑7‑1844 Zuidhorn

 

 

 

 

 

x (2) op

4‑9-1847 Zuidhorn

 

Anne Wegman

Zoon van Anna Gerrits Wegman, arbeidster, en een onbekende vader

* 24-10-1818 Zuidhorn

+ 7-8-1846 Zuidhorn

Arbeider

 

Albert Alberts Postema

Zoon van Albert Tammes en

Grietje Roelfs, arbeiders

* 20-7-1804 Zuidhorn,

“zijnde na ‘s vaders dood geboren”

~ 2-9-1804 Zuidhorn

+ 10-7-1870 Zuidhorn

Arbeider, dagloner, dienstknecht

Uit huwelijk (1):

1.        Jan Wegman, * 14-5-1844 Zuidhorn (voor huwelijk geboren, bij huwelijk erkend)

2.        Pieter Wegman, * 29-6-1845 Zuidhorn

 

Uit huwelijk (2):

1.        Grietje Postema, * 13-6-1848 Zuidhorn

2.        Hindrik Postema, * 22-9-1850 Zuidhorn, op jonge leeftijd overleden

3.        Hindrik Postema, * 30-1-1852 Zuidhorn

4.        Albert Postema, * 24-3-1855 Zuidhorn

5.        Pieter Postema, * 30-12-1857 Zuidhorn

6.        Petronella Postema, * 6-4-1863 Zuidhorn

 

Het gezin woonde volgens het Bevolkingsregister van 1850-1870 aan het Schipperspad te Zuidhorn. Het bevolkingsregister van Zuidhorn van 1890-1900 vermeldt Trijntje als weduwe van A. Postema, zonder beroep, Nederlands Hervormd, wonende Nieuwstraat A253.

 

 

VIII.6

Roelf Elslo

Zoon van Hindrik Jans Elslo en

Petronella Frederiks de Ligne

* 27‑1‑1824 Zuidhorn

+ 16‑9‑1876 Noordhorn (gem. Zuidhorn)

Arbeider

 

x 11‑5‑1850 Zuidhorn

 

Mentje Berents Woldijk

Dochter van Berent Jans Woldijk, arbeider en Aaltje Gerrits Koster, arbeidster

* 2‑1‑1826 Zuidhorn

in het huis nummer 7, staande op

 de oostergast onder Zuidhorn”

+ 1‑6‑1897 Noordhorn (gem. Zuidhorn)

Dienstmeid (ten tijde van huwelijk), arbeidster

Uit dit huwelijk:

1.     Petronella Elslo, * 24‑12‑1850 Zuidhorn, binnen twee weken na haar geboorte + 6‑1‑1851 Zuidhorn (IX.4).

2.     Pieternella Elslo, * 2‑3‑1852 Zuidhorn. Volgt IX.5.

3.     Berent Elslo, * 25‑2‑1855 Zuidhorn, op 3-jarige leeftijd + 17‑4‑1858 Zuidhorn (IX.6).

4.     Aaltje Elslo, * 10‑2‑1859 Zuidhorn. Volgt IX.7.

5.     Berent Elslo, * 20‑4‑1860 Zuidhorn. Volgt IX.8.

6.     Hendrik Elslo, * 20‑9‑1863 Zuidhorn. Volgt IX.9.

7.     Jan Elslo, * 17‑5‑1867 Noordhorn (gem. Zuidhorn). Volgt IX.10.

 

Roelf Elslo woonde volgens het bevolkingsregister met zijn gezin aan de Achterweg, huisnummer 54, te Noordhorn.

 

 

VIII.7

Frederik Elslo

Zoon van Hindrik Jans Elslo en

Petronella Frederiks de Ligne

* 26‑9‑1826 Zuidhorn

+ 14‑4‑1902 Aduard

Boerenknecht (ten tijde van huwelijk), arbeider

 

x 24‑5‑1856 Aduard

 

 

Elzina Groenmeijer (ook Elsina)

Dochter van Jakob Hendriks Groenmeijer en Sietske Jans Modderman, dagloners

* 8‑10‑1834 Aduard

+ 22-12-1918 Aduard

Werkmeid (ten tijde van huwelijk), arbeidster

 

Uit dit huwelijk:

1.        Hindrik Elslo, * 18‑5‑1857 Aduard. Volgt IX.11.

2.        Jakob Elslo, * 30‑12‑1863 Zuidhorn. Volgt IX.12.

 

Ten tijde van hun huwelijk woonden zowel Frederik Elslo als Elzina Groenmeijer te Hoogemeeden, gemeente Aduard. Frederik Elslo lootte in 1845 nr. 20 voor de militaire dienst, doch is niet opgeroepen. Volgens het bevolkingsregister van 1850-1870 woonde hij met zijn gezin aan de Westergast in Zuidhorn bij de familie Spanjer. Later heeft het gezin zich in Aduard gevestigd.

 

 

             

Frederik Elslo en Elzina Groenmeijer

 

IX.1

Trijntje Jacobs Elseloo

(ook Elslo, Elsloo, Elzelo)

Dochter van Jacob Lefferts Elslo en Geertruid Jans Wegman

* 10‑5‑1835 Westerwijtwerd (gem. Middelstum)

+ 8‑1‑1916 Groningen

Boerenmeid

 

x 5-8-1862 Middelstum

 

Anne Iemes Dijkstra

Zoon van Yme Hanses Dijkstra en

Afke Piers Bottinga

* 23‑12‑1830 Goutum (gem. Leeuwarderadeel), Friesland

+ 9-2-1893 Groningen

Dagloner, boerenknecht, schipper, arbeider

 

Uit dit huwelijk:

1.        Aafke Dijkstra, * 13-8-1862 Westerwijtwerd (gem. Middelstum)

2.        Anje Dijkstra, * 6-2-1865 Westerwijtwerd (gem. Middelstum)

3.        Geertruid Dijkstra, * 10-11-1866 Westerwijtwerd (gem. Middelstum)

4.        Renske Dijkstra, * 17-10-1868 Westerwijtwerd (gem. Middelstum), op jonge leeftijd overleden

5.        I(e)mo Dijkstra, * 8-3-1870 Westerwijtwerd (gem. Middelstum)

6.        Johanna Dijkstra, * 3-8-1877 Groningen

 

Trijntje woonde voor haar huwelijk als boerenmeid in bij de familie Huizinga in Toornwert (gem. Middelstum). Anne woonde eerst te Zuidwolde (gem. Bedum). Na het huwelijk woonde het gezin in Westerwijtwerd in de gemeente Middelstum, maar rond 1880 woonden ze in de Violetsteeg in Groningen. In het bevolkingsregister van Middelstum van 1860-1900 zijn de beroepen van Anne – dagloner en boerenknecht – doorgehaald en is vervolgens vermeld schipper. Ook het huisnommer is doorgehaald en vervolgens is geschreven aan boord.

 

 

IX.2

Jan Jacobs Elseloo (ook Elzelo, Elzeloo)

Zoon van Jacob Lefferts Elslo en

Geertruid Jans Wegman

* 12‑2‑1837 Westerwijtwerd (gem. Middelstum)

+ 24‑7‑1869 Westerwijtwerd (gem. Middelstum)

Arbeider, boerenknecht, dagloner

 

x 23‑5‑1862 Middelstum

 

Pieterke Kraaima

Dochter van Pieter Hindriks Kraaima, koornschipper, en

Hindrikje Harms Roelfsema

* 9-3-1835 Bedum

+ 17-3-1913 Bedum

Dagloonster

 

 

Uit dit huwelijk:

1.        Jacob Elseloo, * 25‑7‑1862 Westerwijtwerd (gem. Middelstum). Volgt X.1.

2.        Hindrikje Elseloo, * 18‑10‑1864 Westerwijtwerd (gem. Middelstum). Volgt X.2.

3.        Geertruida Elselo(o), * 24‑12‑1866 Westerwijtwerd (gem. Middelstum). Volgt X.3.

4.        Hilje Elselo, * 29‑5‑1869 Westerwijtwerd (gem. Middelstum). Volgt X.4.

 

Jan Elseloo komt in het Bevolkingsregister van Middelstum (1860-1870) voor in de lijst van dienstboden en knechten als boerenknecht. Jan Elseloo overleed op 32-jarige leeftijd, kort na de geboorte van zijn jongste dochter. Pieterke Kraaima hertrouwde op 18 september 1880 te Bedum met Meindert Vos, arbeider. Op het moment van het huwelijk van haar dochter Hilje – 7 mei 1896 in Groningen – woonden Pieterke en Meindert in Bedum. Bij dat huwelijk “verklaarde de moeder der Echtgenoote niet te kunnen schrijven als de schrijfkunst niet geleerd hebbende”. Meindert Vos, “stedevader der Echtgenoote”, was getuige.

 

 

IX.3

Anje Elseloo (ook Elzelo(o))

Dochter van Jacob Lefferts Elslo en Geertruid Jans Wegman

* 16‑8‑1840 Westerwijtwerd (gem. Middelstum)

+ 11-12-1864 Warffum

Boerenmeid (ten tijde van huwelijk), dagloonster

 

x 9-11-1861 Warffum

 

Meerten van der Bank

Zoon van Derk Meertens van der Bank, dagloner, en Grietje Jans Reinhart

* 14-9-1836 Warffum

+ 12-8-1887 Warffum

Boerenknecht (ten tijde van huwelijk), dagloner, later koopman

 

Uit dit huwelijk:

1.        Levenloos kind van het vrouwelijk geslacht, 12-7-1863 Warffum. 

2.        Levenloos kind van het vrouwelijk geslacht, 8-12-1864 Warffum.

3.         

Meerten van der Bank woonde ten tijde van zijn huwelijk met Anje Elseloo in Warffum, Anje in Westerwijtwerd. Voor zijn huwelijk had Meerten aan de verplichtingen van de Nationale Militie voldaan en gediend van 1855 tot 1860 in het 4de Regiment Dragonders. Meerten en Anje kregen twee doodgeboren dochters en Anje Elseloo overleed enkele dagen nadat de tweede ter wereld was gekomen. Meerten van der Bank huwde in 1868 opnieuw, met Geertruid Mos.

 

 

IX.5

Pieternella (Nel) Elslo (ook Pietronella)

Dochter van Roelf Elslo en

Mentje Berents Woldijk

* 2‑3‑1852 Zuidhorn

+ 19‑1‑1922 Zuidhorn

Begraven te Noordhorn

 

x 16‑5‑1874 Aduard

Gerrit Beukema

Zoon van Petrus Heeres Beukema, landbouwer te Oostwold (Leek) en

Jantjen Joest Heunder

* 29‑12‑1849 Oostwold

 (gem. Leek)

+ 1-1-1937 Zuidhorn

Begraven te Noordhorn

Eerst molenaarsknecht te Gaarkeuken

(in 1877), later koopman

Uit dit huwelijk:

1.        Anje Beukema, * 23-9-1874 Den Ham (gem. Aduard)

2.        Roelf Beukema, * 14-9-1877 Gaarkeuken (gem. Grijpskerk)

3.        Mentje Beukema, * 8-9-1880 Noordhorn (gem. Zuidhorn)

4.        Pieter Beukema, * 11-3-1884 Noordhorn (gem. Zuidhorn)

5.        Berend Beukema, * 9-9-1889 Noordhorn (gem. Zuidhorn)

 

Het gezin Beukema woonde rond 1877 in het plaatsje Gaarkeuken in de gemeente Grijpskerk en later aan de Achterweg te Noordhorn. In Noordhorn had Pieternella een kruidenierswinkeltje, in de schuur van het huis. Nel Beukema had heel veel aanloop, zowel van mensen die voor de winkel kwamen als van mensen die voor het laatste nieuws uit het dorp kwamen, want daar was alles bekend. In een boekje over de gemeente Zuidhorn wordt van haar gezegd dat bij haar “ook heel wat nieuws over de toonbank” ging. Midden in de winkel stond een grote kachel net een ijzeren beugel rondom, waarop de mensen hun voeten konden warmen.

Een broer van Gerrit Beukema, Heere Petrus Beukema, bodekarrijder, was gehuwd met een nicht van Pieternella. Heere Petrus Beukema huwde namelijk met Grietje Postema, een dochter van Trijntje Hindriks Elslo (VIII.5) en Albert Alberts Postema.

 

 

 IX.7

Aaltje Elslo

Dochter van Roelf Elslo en

Mentje Berents Woldijk

* 10‑2‑1859 Zuidhorn

+ 25‑1‑1891 Noordhorn

(gem. Zuidhorn)

 

x 18‑5‑1882 Zuidhorn

Freerk Aring

Zoon van Johan Christoph Aring, arbeider, en Angenietje Koning, arbeidster

* 8‑2‑1854 Zuidhorn

Datum en plaats van overlijden onbekend

Timmerman

 

Uit dit huwelijk:

1.        Johan Aring, * 27-3-1883 Noordhorn (gem. Zuidhorn)

2.        Roelf Aring, * 4-6-1885 Noordhorn (gem. Zuidhorn)

3.        Hendrik Aring, * 31-10-1888 Noordhorn (gem. Zuidhorn)

4.        Mente Aring, * 14-12-1890 Noordhorn (gem. Zuidhorn)

 

Aaltje Elslo en Freerk Aring woonden in Noordhorn. Mente, hun vierde kind, werd geboren op 14 december 1890. Aaltje overleed circa anderhalve maand later. Dochter Mente overleed niet lang daarna, op 13 april 1891. Freerk Aring en zijn drie zonen zijn op 31 mei 1892 naar Ezinge vertrokken. Daar huwde hij op 18-5-1892 met Ieske Scheerstra, weduwe uit Niezijl, en op 19-5-1898 met Klaaske Timmer, weduwe uit Adorp.

 

 

IX.8

Berent Elslo (ook Berend)

Zoon van Roelf Elslo en Mentje Berents Woldijk

* 20‑4‑1860 Zuidhorn

+ 18‑3‑1880 Noordhorn (gem. Zuidhorn)

Ongehuwd.

 

 

 

Berent Elslo is op 19-jarige leeftijd overleden. Geen verdere gegevens bekend.

 

 

IX.9

Hendrik Elslo (in de V.S.: Henry)

Zoon van Roelf Elslo en

Mentje Berents Woldijk

* 20‑9‑1863 Zuidhorn

+ 28‑1‑1932 Grand Rapids, Michigan, Verenigde Staten

Voerman (ten tijde van huwelijk), arbeider, timmerman

 

x 21‑5‑1891 Zuidhorn

 

Fokje Nieuwhof (in de V.S: Fenna)

Dochter van Jan Tunnis Nieuwhof en

Geertje Harms Renkema

* 12‑9‑1867 Sebaldeburen (gem. Grootegast)

+ 29‑4‑1951 Grand Rapids, Michigan, Verenigde Staten

Dienstbode (ten tijde van huwelijk)

 

Uit dit huwelijk:

1.        Minnie Elslo, * 21‑11‑1893 Grand Rapids, Michigan. Volgt X.5.

2.        Gertrude Elslo, * 29‑1‑1895 Grand Rapids, Michigan. Volgt X.6.

3.        Ralph Elslo, * 12‑2‑1897 Grand Rapids, Michigan. Volgt X.7.

4.        Peternella Elslo, * 24‑10‑1899 Grand Rapids, Michigan. Volgt X.8.

5.        Hermina Elslo, * 16‑3‑1903 Grand Rapids, Michigan. Volgt X.9.

6.        Jeanette Elslo, * 26‑11‑1907 Grand Rapids, Michigan. Volgt X.10.

 

Begin 1871, toen Fokje Nieuwhof ruim 3 jaar oud was, werd haar vader besmet met pokken toen hij op de markt in Groningen was. In één maand tijd overleden zowel Fokjes vader en moeder, als een oudere en een jongere zuster – Trientje en Fijkje – aan die ziekte. Fokje, haar zus Harmke en haar oudere broer Tunnis bleven als weeskinderen achter. Fokje ging wonen bij een oom en tante.

Fokje en Hendrik Elslo vertrokken korte tijd na hun huwelijk in 1891 naar Noord‑Amerika. Op dat moment hadden zij nog geen kinderen. Hendriks zwager, Tunnis Nieuwhof (in de Verenigde Staten Thomas genaamd), was Hendrik en Fokje naar de Verenigde Staten voorgegaan. Net als hij – en vele andere Nederlanders – vestigden Hendrik en Fokje zich in Grand Rapids, in de staat Michigan. Fokjes broer had daar een bedrijf in de huizenbouw, waar ook Hendrik ging werken.

 

 

IX.10

Jan Elslo

Zoon van Roelf Elslo en

Mentje Berents Woldijk

* 17‑5‑1867 Noordhorn

(gem. Zuidhorn)

+ 28‑11‑1946 Zuidlaren

Boerenknecht (ten tijde van huwelijk), arbeider, machinist, voerman

 

x 17‑5‑1894 Zuidhorn

 

Martje van der Veer

Dochter van Johannes van der Veer

en Henderika Dekker, winkelier en winkelierster Zuidhorn

* 13‑2‑1870 Zuidhorn

+ 26‑11‑1954 Assen

Dienstbode (ten tijde van huwelijk)

 

 

Uit dit huwelijk:

1.        Roelf Elslo, * 24‑8‑1894 Noordhorn (gem. Zuidhorn). Volgt X.11

2.        Johannes Elslo, * 28‑6‑1900 Noordhorn (gem. Zuidhorn). Volgt X.12

3.        Hindrik Elslo, * 31‑3‑1903 Zuidhorn. Volgt X.13

4.        Mentje Henderika Elslo, * 30‑10‑1904 Noordhorn (gem. Zuidhorn). Volgt X.14

5.        Martje Jantje Elslo, * 30‑10‑1911 Onstwedde (gem. Stadskanaal). Volgt X.15

 

Jan Elslo was “door den Militieraad uithoofde van broederdienst van den dienst vrijgesteld”. Hij woonde enige tijd in Oldehove en later, ten tijde van en na zijn huwelijk, in Noordhorn. Daar heeft hij ondermeer op een timmerfabriek gewerkt. Rond 1905 was hij lid van het Noordhorner fanfarecorps. Op 15 juni 1908 is het gehele gezin vertrokken van Noordhorn naar Bedum en later woonden zij in Zuidlaren. In die tijd was Jan Elslo machinist op een dorsmachine en tevens op een baggermachine.

 

 

 

Foto genomen op 17 mei 1944 ter gelegenheid van 50-jarig huwelijk van Jan Elslo en Martje van der Veer van het

gouden bruidspaar en hun kinderen met partners.

Voorste rij vlnr.: Martje Jantje Elslo, Jan Elslo, Martje Elslo-van der Veer, Roelf Elslo en Mentje Henderika Elslo.

Achterste rij vlnr.: Hindrik Elslo en zijn echtgenote Lammechien Elslo-Martijn, Johannes Elslo en zijn echtgenote

Meike Elslo-Briek, Wilhelmina Elslo-Tijm (echtgenote van Roelf) en Dirk Rijnvis (echtgenoot van Mentje Henderika).

 

IX.11

Hindrik Elslo(o) (ook Hendrik)

Zoon van Frederik Elslo en Elzina Groenmeijer

* 18‑5‑1857 Aduard

+ 20‑12‑1875 Aduard

Boerenknecht

Ongehuwd.

 

 

 

Hindrik Elslo is op 18-jarige leeftijd overleden. Geen verdere gegevens bekend.

 

 

IX.12

Jakob Elslo

Zoon van Frederik Elslo en

Elzina Groenmeijer

* 30‑12‑1863 Zuidhorn

+ 28‑10‑1926 Groningen

Kruidenier te Aduard

 

x 21‑5‑1892 Aduard

Anna Dinkla

Dochter van Hagen Garreld Dinkla, koopman, en Anna Hommes

* 17‑11‑1869 Bellingwolde

+ 9‑8‑1954 Groningen

 

 

Uit dit huwelijk:

1.     Elzina Frederika Elslo, * 20‑3‑1893 Aduard. Volgt X.16.

2.     Anna Henderika Elslo, * 14‑7‑1897 Aduard. Volgt X.17.

3.     Frederik Roelf Elslo, * 13‑5‑1899 Aduard, ruim vijf maanden na zijn geboorte + 24‑10‑1899 Groningen (X.18).

4.     Frederik Roelf Elslo, * 24‑7‑1901 Aduard. Volgt X.19.

 

Jakob Elslo was als jongeman bakkersknecht en later kruidenier te Aduard. Hij was dagelijks onderweg met paard en wagen om met kruidenierswaren onder andere langs boerderijen te gaan. Zijn winkel was gelegen op de hoek van de Burgemeester Seinenstraat en de Baron Lewe van Aduardsingel. Anna Dinkla kreeg niet lang na haar huwelijk tyfus en verloor daarbij al haar haar. Zij herstelde gelukkig goed en het haar groeide weer volledig aan.

Na zijn pensioen in mei 1926 gingen Jakob Elslo en zijn echtgenote wonen aan de Verlengde Grachtstraat nummer 25 te Groningen, maar hij overleed al eind oktober in datzelfde jaar aan keelkanker. Anna Elslo-Dinkla bleef daar tot haar overlijden in 1954 wonen. Jakob en Anna zijn in Aduard begraven.

 

 

X.1

Jacob Elseloo

Zoon van Jan Jacobs Elseloo en

Pieterke Kraaima

* 25‑7‑1862 Westerwijtwerd (gem. Middelstum)

+ 13‑8‑1939 Groningen

Schoenmaker te Bedum

 

x 28‑5‑1887 Bedum

Janna Modderman

Dochter van Albert Modderman, dagloner, en Trijntje Oostmeijer

* 4‑3‑1865 Zuidwolde

(gem. Bedum)

+ 18‑7‑1936 Groningen

 

 

Uit dit huwelijk 3 dochters en een zoon, Meindert.

 

Meindert was de enige zoon van Jacob Elseloo en Janna Modderman. Met de dood van hem en zijn vader is de Elseloo-tak – het nageslacht van Leffert Jans Elslo, schoolmeester te Huizinge, en diens enige zoon, Jacob Lefferts Elslo (ook Elsselo / Elzelo(o)) – in mannelijke lijn uitgestorven.

Van dit gezin zijn geen verdere gegevens bekend.

 

 

X.2

Hindrikje Elseloo (ook Hendrikje)

Dochter van Jan Jacobs Elseloo en

Pieterke Kraaima

* 18‑10‑1864 Middelstum

+ 30‑5‑1916 Groningen

x 5-12-1883 Bedum

Jan Zuidema

Zoon van Hilbrand Zuidema en

Pieterke van de Riet

* 14‑4‑1861 Bedum

+ 5‑5‑1954 Bedum

Werkman, arbeider

Uit dit huwelijk 6 zonen en 6 dochters.

 

Hindrikje Elseloo en Jan Zuidema woonden eerst te Baflo, daarna in Bedum en vanaf ongeveer 1897 in Groningen, eerst in de Moesstraat, later aan de Reidijk. Het gezin staat in het Bevolkingsregister van Groningen van 1890-1900 nog als Nederlands hervormd te boek, maar in dat van 1910-1920 als gereformeerd.

Jan Zuidema hertrouwde na het overlijden van Hindrikje Elseloo met Jantje Dijk.

 

 

X.3

Geertruida Elselo(o)

Dochter van Jan Jacobs Elseloo en

Pieterke Kraaima

* 24‑12‑1866 Westerwijtwerd (gem. Middelstum)

+ 23-2-1897 Onderdendam (gem. Bedum)

 

x 27-5-1893 Bedum

Tonnis Bos

Zoon van Klaas Kornelis Bos, dagloner en Seike Wijdeveld, dagloonster

Weduwnaar van Anna Cleveringa

* 28-5-1861 Kantens

Dagloner

 

 

Uit dit huwelijk 2 dochters.

 

Tonnis Bos huwde twee jaar na het overlijden van zijn eerste echtgenote met Geertruida Elselo. Het gezin woonde aanvankelijk in Onderdendam, gemeente Bedum. Geertruida overleed binnen een jaar na de geboorte van hun jongste kind.

 

 

X.4

Hilje Elselo

Dochter van Jan Jacobs Elseloo en

Pieterke Kraaima

* 29‑5‑1869 Westerwijtwerd (gem. Middelstum)

+ 22‑6‑1938 Groningen

 

x 7‑5‑1896

te Groningen

Boele Kraaijenga

Zoon van Hielke Kraaijenga, arbeider,

en Maria Jager

* 18‑9‑1865 Onderdendam (gem. Bedum)

+ 4‑11‑1948 Groningen

Slager, later caféhouder

Uit dit huwelijk 3 zonen en 2 dochters.

 

Het gezin van Hilje en Boele Kraaijenga woonde aan de Nieuwstad, huisnummer 32, te Groningen en vermoedelijk was daar ook het café gevestigd. Later woonde zoon Jan daar en ook hij was caféhouder van beroep. Hielke Kraaijenga werd Hoofdopzichter Laagspanningsnetten en huwde op 7 september 1949 met Frouwe Aaltje Scherphuis. Frouwe was een dochter van de in Groningen bekende Obbo Johannes Scherphuis, ook wel “O.J.”. Hij was oorspronkelijk banketbakker in Appingedam en later Burgemeester van Ten Boer (1935-1946) en Slochteren (1946-1956) en tevens lid van Provinciale Staten van Groningen voor de Partij van de Arbeid (1937-1962).

 

 

X.5

Minnie Elslo

Dochter van Hendrik Elslo en

Fokje Nieuwhof

* 21‑11‑1893 Grand Rapids, Michigan

+ 20-8-1969 Hudsonville, Michigan

Kok en kindermeisje

 

x 14-4-1923 Chicago, Illinois

John Teune

(in Nederland bij geboorte Jan genaamd)

Zoon van Johannes Teune, dagloner, en Grietje Lanenga (in the V.S. Grace Laninga)

* 7-12-1889 Bedum

+ 15-12-1966 Zeeland, Ottowa (Canada)

Eigenaar afvalverwerkingsbedrijf

 en kippenfokkerij

Uit dit huwelijk 2 dochters en een zoon.

 

De ouders van John emigreerden in 1911 naar de Verenigde Staten en vestigden zich in het Groningen Quarter in West-Chicago, dat net ten zuiden ligt van de huidige UIC (University of Illinois at Chicago) Medical Center Campus. Zij hadden hun zoons John (toen 20 jaar oud) en Edward (toen 15 of 16) ongeveer een jaar vooruit hadden gestuurd om te werken en geld te sparen en bovendien voorbereidingen te treffen voor de rest van de familie.
Minnie Elslo werkte tot haar huwelijk als kok en kindermeisje voor een rijke familie en heeft tevens in een meubelfabriek gewerkt. John Teune was eigenaar van een afvalverwerkingsbedrijf en later van een kippenfokkerij.
Minnie Elslo en John Teune woonden in Hudsonville, Michigan. Hun dochter Margaret was verpleegster, Henry was leraar en Florance lerares.

 

 

X.6

Gertrude (Gertie) Elslo

Dochter van Hendrik Elslo en Fokje Nieuwhof

* 29‑1‑1895 Grand Rapids, Michigan

+ 6-7-1979 Grand Rapids, Michigan

Verkoopster

Ongehuwd.

 

 

 

Gertrude Elslo woonde in Grand Rapids bij haar moeder, in het huis waar zij ook was opgegroeid. Na haar pensioneren verhuisde ze naar een appartement.

 

 

X.7

Ralph Elslo

Zoon van Hendrik Elslo en Fokje Nieuwhof

* 12‑2‑1897 Grand Rapids, Michigan

+ 25‑5‑1978 Grand Rapids, Michigan

Verkoper en bezorger voor een wasserij

 

x 17‑11‑1920 Grand Rapids, Michigan

Libby VanderNaald

(in het Nederlands Lipke)

Dochter van Allie VanderNaald en

Jessi Kraainga (in Nederland Alle

van der Naald en Geeske Kraaijenga)

* 10‑1‑1896 Lamont, Michigan

+ 8‑4‑1977 Grand Rapids, Michigan

Eerst huisvrouw, daarna

verkoopster in een kledingzaak

Uit dit huwelijk een dochter.

 

Ralph Elslo was geboren en getogen in Grand Rapids en woonde daar zijn hele leven. Tijdens de Eerste Wereldoorlog was hij in militaire dienst. Hij diende in New York City en hoefde niet in het buitenland strijden. Na terugkomst in Grand Rapids ontmoette hij via vrienden Libby VanderNaald, zijn latere vrouw. Haar vader had daar een boerderij in Lamont en was oorspronkelijk ook afkomstig uit de provincie Groningen.

Ralph en Libby Elslo woonden na hun huwelijk in Grand Rapids. Ralph werkte tot zijn pensionering als verkoper en bezorger bij American Laundry. Libby was in de eerste jaren na hun huwelijk huisvrouw, maar nadat dochter Frances naar de middelbare school ging, werd ze verkoopster in een kledingwinkel in het centrum van het stadje.

 

 

X.8

Peternella (Nellie) Elslo

Dochter van Hendrik Elslo en

Fokje Nieuwhof

* 24‑10‑1899 Grand Rapids, Michigan

+ 14‑8‑1995 Grand Rapids, Michigan

Kindermeisje (voor haar huwelijk)

 

x 11‑10‑1928 Grand Rapids, Michigan

Adrian Folkersma

(in Nederland Arjen Fokkema)

Zoon van Eeltje Fokkema en

Frouwkje Braak

* 20‑8‑1900 Ferwerderadeel (Friesland)

+ 25‑2‑1978 Grand Rapids, Michigan

Melkbezorger

Uit dit huwelijk een zoon en een dochter.

 

Nellie Elslo en Adrian Folkersma woonden in Grand Rapids, Michigan. Hun zoon Edward is een gepensioneerd schoolconciërge, dochter Verna Mae is getrouwd met David Evertsberg, gepensioneerd ingenieur.

 

 

X.9

Hermina Elslo

Dochter van Hendrik Elslo en

Fokje Nieuwhof

* 16‑3‑1903 Grand Rapids, Michigan

+ 6-9-1944 Grand Rapids, Michigan

x in 1936

te Grand Rapids, Michigan

Alvin Knappen

Zoon van Stuart Knappen en Claire Kuiper

* 8‑7‑1900 Memphis, Tennessee

+ 1-5-1981 Grand Rapids, Michigan

Magazijnmeester

 

 

Uit dit huwelijk een dochter.

 

Hermina Elslo en Alvin Knappen woonden in Grand Rapids, Michigan. Hermina is jong overleden aan de gevolgen van borstkanker. Alvin hertrouwde en kreeg nog vijf kinderen.

 

 

X.10

Jeanette Elslo

Dochter van Hendrik Elslo en

Fokje Nieuwhof

* 26‑11‑1907 Grand Rapids, Michigan

+ 13‑7‑1961 Vancouver, Canada

 

x 10-7-1934 Grand Rapids, Michigan

Dick Flietstra

(in Nederland Dirk)

Zoon van Uilke Flietstra en

Aafje Langendijk

* 31‑5‑1907 in Friesland (Nederland)

+ 9‑9‑1982 Grand Rapids, Michigan

Huisschilder

Uit dit huwelijk 2 zonen en 2 dochters. 

 

Jeanette Elslo is op vrij jonge leeftijd ten gevolge van een auto-ongeluk overleden tijdens een trip naar Vancouver, Canada.

 

 

X.11

Roelf Elslo

Zoon van Jan Elslo en Martje van der Veer

* 24‑8‑1894 Noordhorn

(gem. Zuidhorn)

+ 7‑10‑1983 Hengelo (Ov)

Slager, rijwielbewaarder

 

x 22‑8‑1918 Alkmaar

Wilhelmina Tijm

Dochter van Cornelis Tijm en

Bregje Terluin

* 26‑4‑1895 Alkmaar

+ 7‑8‑1967 Hengelo (Ov)

 

 

Uit dit huwelijk een dochter en een zoon. 

 

Na enige omzwervingen kwam Roelf Elslo hij met zijn gezin wonen in Hengelo. Hij was slager, maar na het beëindigen van de slagerij is hij wat toevallig fietsenbewaarder geworden bij het belastingkantoor. Daar verwierf hij zich een goede naam en reputatie. Dat bleek ook wel toen hij op 75‑jarige leeftijd bij het beëindigen van deze funktie gehuldigd werd als paedagoog van het belastingkantoor. Hij was een man die veel goede raad wist te geven aan menigeen, oud en jong.

Het dagboek van Roelf Elslo waarin hij tijdens de oorlogsjaren 1940-1945 regelmatig de gebeurtenissen in en rond Hengelo heeft vastgelegd, is overgedragen aan de stichting Old Hengel te Hengelo waar het gearchiveerd is.

 

 

X.12

Johannes (Joh) Elslo

Zoon van Jan Elslo en Martje van der Veer

* 28‑6‑1900 Noordhorn

(gem. Zuidhorn)

+ 6‑12‑1988 Assen

Installateur, smid

x 3‑10‑1931 Zuidhorn

Meike Briek

Dochter van Cornelis Briek, landbouwer te Siddeburen, en Pilke Brandenborg

* 10‑12‑1906 Siddeburen

(gem. Slochteren)

+ 22-7-2003 Assen

 

Uit dit huwelijk 2 zonen en 2 dochters. 

 

Het gezin van Jan Elslo en Martje van der Veer verhuisde nogal eens, waarschijnlijk met het oog op werk. Op het pokkenbriefje van Johannes staan verschillende lagere scholen vermeld:

1 april 1905 – 4 mei 1907: Zuidhorn

4 mei 1907 – 20 juni 1908: Bedum

juni 1908 – april 1909: Adorp

april 1909 – november 1909: Winsum

november 1909 – maart 1912: Stadskanaal

maart 1912 – april 1913: Nieuw Weerdinge

 

Na her en der gewerkt te hebben begon hij in 1927 een eigen smederij in Hooghalen. In 1931 trad hij in het huwelijk met Meike Briek. Meike heeft in de psychiatrie gewerkt in Poortugal en Franeker.

 

 

X.13

Hindrik Elslo

Zoon van Jan Elslo en Martje van der Veer

* 31‑3‑1903 Zuidhorn

+ 21-7-2004 Beilen

Automonteur, medewerker Domo

 

x 11-10-1929 Zuidlaren

Lammechien Martijn

Dochter van Geert Martijn en

Aaltje Menninga

* 8-5-1905 Annen

+ 20‑2‑1986 Wijster

Uit dit huwelijk 3 zonen (waarvan één jong overleden) en een dochter. 

 

Na de lagere school is Hindrik Elslo gaan werken. Hij heeft jarenlang de avondschool gevolgd, voor opleidingen tot hoefsmid, elektrotechnicus en automonteur. Vanuit Annen ging hij in die tijd lopend naar de LTS in Veendam.

Vanuit Annen is Hendrik verhuisd naar Hooghalen, waar hij met zijn broer Joh een garagebedrijf is begonnen. Nadat beide broers ieder huns weegs zijn gegaan, is hij in Wijster gaan wonen en gaan werken bij de VAM. Later heeft Hindrik een aantal jaren bij een garagebedrijf gewerkt in Beilen en de laatste 5 jaar voor zijn pensionering bij de Domo aldaar.

Hindrik Elslo heeft in 1937 een huis laten bouwen in Wijster, waar nu zijn zoon woont.

 

 

X.14

Mentje Henderika Elslo

Dochter van Jan Elslo en

Martje van der Veer

* 30‑10‑1904 Noordhorn

(gem. Zuidhorn)

+ 29‑4‑1993 Groningen

Dienstbode (voor haar huwelijk)

 

x 29‑5‑1926 Zuidlaren

Dirk Johannes Rijnvis

Zoon van Johannes Josephus Rijnvis en Trijntje van Dijk

* 24‑9‑1902 Kielwindeweer (gem. Hoogezand)

+ 24‑8‑1981 Hoogezand‑Sappemeer

IJzerwerker op een scheepswerf

Uit dit huwelijk 3 zonen en een dochter. 

 

Dirk Rijnvis heeft ruim 40 jaar gewerkt als ijzerwerker bij de scheepswerf “Gebroeders Van Diepen” te Waterhuizen bij de stad Groningen. Bij die werf, die inmiddels niet meer bestaat, werden kustvaarders van ongeveer 1.000 ton gebouwd.

Voor haar huwelijk heeft Mentje Elslo verschillende betrekkingen gehad. Na hun huwelijk gingen Mentje en Dirk in Foxham wonen. Daar werd ook de oudste zoon geboren. Daarna zijn ze verhuisd naar Kolham, eveneens in de gemeente Slochteren, waar ze ruim 40 jaar in één huis in hebben gewoond. Daar zijn ook de jongste drie kinderen geboren.

 

 

X.15

Martje Jantje Elslo

Dochter van Jan Elslo en

Martje van der Veer

* 30‑10‑1911 Onstwedde

(gem. Stadskanaal)

Dienstbode (voor haar huwelijk)

 

x 13‑2‑1948 Zuidlaren

Folkert Bos

Zoon van Pieter Bos en Roelfien Kobus Weduwnaar van Hendrikje Haak

* 25‑12‑1899 Assen

+ 14‑4‑1992 Assen

Arbeider, postbesteller PTT

Uit dit huwelijk geen kinderen.

 

Martje Elslo was voor haar huwelijk altijd “in betrekking” in Zuidlaren, onder andere bij een winkel. Op 36-jarige leeftijd is zij vanuit Zuidlaren gehuwd met de twaalf jaar oudere Folkert Bos, een weduwnaar. Folkert had uit zijn eerdere huwelijk drie kinderen. Uit het huwelijk van Martje en Folkert Bos zijn geen kinderen geboren.

Martje en Folkert woonden in een oud huis met een grote bloemen- en groentetuin op Amelte bij Assen, waar Folkert al 25 jaar gewoond had. Het huis is afgebrand door een brand die bij de buurman was ontstaan.

 

 

X.16

Elzina Frederika (Sien) Elslo

Dochter van Jakob Elslo en Anna Dinkla

* 20‑3‑1893 Aduard

+ 30‑9‑1936 Groningen

 

x 12‑11‑1919 Aduard

Willem (Wim) Meijwes

Zoon van Hendrik Meijwes en

Annechien Niezen

* 20‑2‑1894 Groningen

+ 30‑1‑1982 Groningen

Procuratiehouder Nutsspaarbank in Groningen

Uit dit huwelijk een dochter. 

 

Sien Elslo is tot groot verdriet van haar gezin, haar broer en vele anderen op 43-jarige leeftijd overleden aan kanker, dat ontstaan was na het trekken van een kies. Zes weken na die tandheelkundige ingreep was ze dood.

Na het overlijden van Sien trouwde Wim met Zwaan de Witt. Wim leerde haar kennen bij het huwelijk van zijn dochter  met een neef van Zwaan.

 

 

X.17

Anna Henderika Elslo

Dochter van Jakob Elslo en Anna Dinkla

* 14‑7‑1897 Aduard

+ 18‑2‑1971 Groningen

 

x 31‑1‑1920 Aduard

Jan Benninga

Zoon van Sievert Benninga en

Grietje Riepma

* 9‑5‑1894 Siddeburen

(gem. Slochteren)

+ 9‑11‑1970 Groningen

Wegenbouwer en architect

Uit dit huwelijk 3 zonen en een dochter.

 

Jan Benninga en Anna Elslo woonden met hun gezin in Loppersum.

 

 

X.19

Frederik Roelf (Frits) Elslo

Zoon van Jakob Elslo en Anna Dinkla

* 24‑7‑1901 Aduard

+ 28‑10‑1967 Groningen

Huisarts, later oogarts

 

x 31‑8‑1927 Aduard

Aaltje (Ali) Mulder

Dochter van Johannes Mulder, veehouder, en Hillechien Westerhoff

* 18‑2‑1903 Groningen

+ 6‑6‑1995 Haren

 

Uit dit huwelijk een zoon en een dochter.

 

Frederik Roelf Elslo was als kruidenierszoon gewend mee te werken in de winkel van zijn ouders. Meester Borema, het hoofd van de Lagere School in Aduard, zei tegen zijn vader: “Elslo, je zoon moet doorleren”. Dat bleek een goed advies, want na de Rijks HBS in Groningen in 1920 te hebben afgerond, studeerde Frits Elslo van 1920 tot 1927 medicijnen. Hij was in die tijd ook een enthousiast sportbeoefenaar, toneelspeler en ringrijder.

Ali Mulder en Frits Elslo kenden elkaar via de rederijkerskamer Eloquentia in Aduard, waar ze samen toneel speelden. Het huwelijk vond plaats op koninginnedag in 1927 en daarna woonde het paar op twee hoog aan de Prinsesseweg in Groningen.

Na het behalen van zijn artsenexamen op 12 mei 1927 werd Frits Elslo assistent in het kinderziekenhuis en reserve-officier van gezondheid. In 1929 volbracht Frits met succes zijn studie tot kinderarts. Omdat hij dacht dat een algemene praktijk hem toch meer zou boeien, besloot zich als huisarts te vestigen. Hij nam geen praktijk over, maar begon met niets in een pand aan de Westersingel in Groningen. De praktijk maakte een enorme groei door en zo vestigde hij voor zichzelf een record van drie bevallingen in één nacht.

In 1946 besloot Frits Elslo zijn praktijk op te geven en zich te gaan specialiseren in oogheelkunde. Hij werd assistent in het Academisch Ziekenhuis in Groningen en in dezelfde tijd verhuisde het gezin naar de Van Houtenlaan 48 (later hernummerd tot 224) in Helpman. Op 17 november 1948 promoveerde Frits Elslo op het proefschrift “Retinitis Diabetica” tot doctor in de geneeskunde. In 1949 vestigde hij zich als oogarts aan het Hereplein in Groningen en heeft tot 1 april 1963 als zodanig gewerkt.

Helaas werd Frits Elslo al veel te snel na zijn pensionering ernstig ziek en hij overleed op 28 oktober 1967 (op dezelfde datum als zijn vader) aan longkanker.