Verslag van de 84ste Nijmeegse Vierdaagse 2000.

 

Foto's:

Dag 0  
Dag 1  
Dag 2  
Dag 3  
Dag 4  
Maandag 17 juli
Dinsdag 18 juli
Woensdag 19 juli
Donderdag 20 juli
Vrijdag 21 juli

Terug naar homepage

Dag 0
Dag 1
Dag 2
Dag 3
Dag 4
Resultaten per dag

Waarom ben ik eigenlijk de vierdaagse gaan lopen? Ongeveer 10 jaar geleden ben ik met een paar vrienden waaronder John op vrijdag gaan kijken in Nijmegen naar de binnenkomst. Toen  we daar mensen zagen binnenkomen dacht ik, wat die kunnen kan ik ook en wel ongetraind gezien onze sportieve instelling! Dus daar moet ik nog eens een keertje aan meedoen.
Op feestjes riepen John en ik keer op keer dat we eens de vierdaagse zouden gaan doen. Na de vierdaagse van vorig jaar sprak ik met John af dat we dit jaar mee zouden gaan lopen. Na een aantal mensen gesproken te hebben die al eens gelopen hadden raakten we ervan overtuigd dat er toch getraind moest worden. Die afspraak maakten wij met elkaar. Dat zou betekenen dat we vanaf maart toch wel eens een tochtje zouden doen.
Toen ik in maart met mijn eerste tocht (20 km) begon ging John met een partijtje voetbal zijn enkel verzwikken (hij wordt ook ouder). Het herstel duurde toch een flinke tijd zodat ik de eerste twee maanden tochten ging lopen met Lucette (goeie vriendin en collega) en haar vriendin Annie.
Ik had er al ( 8 april) een tocht van 40 km op zitten, de duinenmars toen John voldoende hersteld was met behulp van fysiotherapie om op 6 mei voorzichtig eens te beginnen met 25 km. Dat ging uitstekend. 27 mei nog een tocht van 25 kilometer gelopen in Delft.
Na deze 50 kilometers  hoorde John in de voetbalkantine verhalen dat het veel mensen toch wel lukt om de vierdaagse ongetraind te lopen. Hij raakte ervan overtuigd dat hij toch wel tot die groep mensen behoorde. Lees de rest van het verslag ("ter lering ende vermaeck") om er achter te komen hoe het hem verging en laat het een waarschuwing zijn.


Maandag 17 juliTerug naar begin

Om 11:00 met de trein vertrokken vanaf Den Haag CS. Alle treinen naar Utrecht gingen niet door dus moesten we via Keulen naar Parijs, eh ik bedoel Nijmegen. Dat hield in, overstappen op Schiphol, dan naar Duivendrecht en dan rechtstreeks naar Nijmegen. John had een heel makkelijk draagbare koffer bij zich en ik een sporttas en computertas.
John hield dus bijna al een blessure over aan het dragen van zijn koffer. Foto: The boys

Eerst naar de Vereniging waar wij gelijk naar binnen gingen om te melden bij de VVV voor het onderdak. Er waren drie meldpunten, eentje voor de achternamen beginnend met A t/m G dan J t/m N en dan de rest. Er stonden twee lange rijen van ongeveer drie kwartier wachten, de middelste was helemaal leeg. Als John (Nieuwmans) dus de inschrijving had geregeld waren we binnen twee minuten weg geweest. Maar gelukkig bracht John al snel het eerste biertje van de dag. Dat maakte het wachten korter. Na het nog een biertje snel naar buiten om de startkaarten te halen. Lange rijen stonden er voor de inschrijftafels maar het ging gelukkig snel. Foto's: John in de rij, Loket
Daarna ging ik bij de bagage op wacht staan onder het genot van een lekker blikje bier terwijl John met ook zo'n drankje in de rij ging staan voor de "blarenpas", het vervoersbewijs om 's nachts de bus te kunnen nemen naar de start en na de loop weer terug naar "huis". Ik werd door John gewenkt. Hoe heet dat nou waar we zitten, vroeg hij? Ik zei:"Kinderdorp". Er werd door iedereen in de rij heel hard gelachen. Daarna vertelde John dat hij ook nog in de rij werd uitgelachen toen hij vertelde dat hij niet getraind had.
Op een gegeven moment dacht ik eraan om eens Lucette te gaan bellen. Lucette is een goeie vriendin en ook een collega waarmee ik een aantal tochten getraind heb. Zij zou samen lopen met haar vriendin Annie. Op de GSM dus Lucette gebeld en ze nam op. Ik vroeg waar ze stond, en vroeg: steek je hand eens op! Ik zag haar hand uit de menigte. Toen was ze dus snel gevonden in de drukte waar zij voor de inschrijving stonden te wachten. Even ernaar toe gelopen en een praatje gemaakt.

Na nog twee blikjes verlieten we het terrein van de Vereniging om naar Kinderdorp Neerbos Oost te gaan.
Daar aangekomen met de bus liepen we op het terrein naar het paviljoen waar wij sliepen. Daar werden wij ontvangen door Cock. Hij was doordeweeks jongerenbegeleider voor probleemjongeren die uit huis waren geplaatst of waren weggelopen van huis. Omdat veel jongeren op vakantie waren stonden er twee paviljoens leeg tijdens de 4daagse zodat hij samen met JeanPaul (JP) besloot om voor 4daagse lopers te gaan zorgen.
Kinderen die er nog waren zouden ons gaan bedienen met eten en andere klusjes waar ze ook weer een zakcentje mee konden verdienen. Afwassen mochten wij niet want dat zou broodroof zijn voor die kinderen. Ik stelde ook voor om het overgebleven eten (dat was nooit veel) over de tafel heen te gooien zodat ze extra werk zouden hebben.

Het kamertje was heel erg klein. Met onze lijven van allebei 1.93 meter en over de 100 kilo bleef er weinig ruimte over om onze kont te keren. Maar er stonden twee bedden en meer hadden we eigenlijk niet nodig zou de komende dagen blijken. Op de hele bovenetage waren de slaapkamers met twee douches en twee wc's.

Langzaamaan druppelden de rest van de lopers binnen en werd er 's avonds gegeten en vooral heel veel gepraat over…., hoe kan het ook anders: wandelen! Voor de meeste mensen was het de eerste keer maar er waren ook ervaren rotten aanwezig. De oudste was 72 jaar.
Er was ook een meisje, Basje, van 35 jaar die voor de 15e keer de 50 kilometer liep. Zij trainde nooit want ze deed veel aan hardlopen. Zij zou ook helemaal geen problemen krijgen en was iedere dag om 12:30 binnen, en dat al jaren lang!

Er was een stel, Ruben en Angelique die liepen ook de 50 kilometer. Ik raakte al snel aan de praat met Ruben die vroeger aan atletiek had gedaan bij AAC.
Jan en Pieter, twee jongens uit Friesland waarvan Jan samen met John het hoogste woord aan tafel had. Ik zou Jan beter leren kennen deze dagen. De overeenkomst tussen John en Jan was dat ze tijdens het lopen niet zo heel veel praatten maar als ze thuis waren hadden ze het hoogste woord. Het waren allebei een beetje de gangmakers in het huis.
Dan waren er nog twee vrienden die samen de 50 liepen, André en Peter. André had kort wit geverfd haar wat dus de volgende dag geheel verdwenen bleek te zijn. Zeker door de zure regen bij de start van de eerste dag.

Na het eten ging iedereen snel naar bed omdat voor de 50 km lopers de nacht kort zou zijn: om 2:45 uur ging de wekker. Ik sliep die nacht heel slecht. Bleef lang woelen en draaien en was een beetje zenuwachtig. De nacht ervoor had ik thuis ook niet echt lekker geslapen dus dat was allemaal niet zo best.


Dinsdag 18 juli: Terug naar begin

Om 3:25 uur werden we met het busje door JP naar station Brabantse Poort gebracht. Daar gingen we met de blarenpas met de bus naar de Vereniging.
Daar was in het donker een gigantische drukte waar wij achteraan sloten. Om 4:00 werden de hekken losgegooid en gingen de eerste lopers langs de drie controleurs die de eerste knipjes uitdeelden. Het duurde dus uiteindelijk tot 4:40 voordat John en ik van start gingen. Het weer was slecht en een beetje regenachtig.
Lucette en Annie stonden erg vooraan en konden om 4:10 uur van start gaan zodat zij al een half uur op ons voor waren. Foto: De start

De eerste meters werden gekenmerkt door uitpuilende studentenhuizen waar harde house dreunen uit klonken en lallende studenten iedereen stonden aan te moedigen. Dit zou iedere ochtend van de 4 dagen zo zijn. Geweldig! Dit was een voorproefje van wat ons te wachten zou staan.

Het tempo zat er redelijk in. Op smalle dijkjes liepen er irritante politiekorpsen (Rijnland was het ergste) die iedereen van de weg afdrukten om door te kunnen lopen. Legergroepen marcheerden tenminste nog langs de zijkanten.
's Ochtends vroeg om 5:00 uur kwamen we door het eerste dorpje Lent waar het al één groot feest was en waar kroegen op volle sterkte doordraaiden en cafébezoekers buiten stonden met bier in de handen. Mensen hadden voor hun huis het volledig tuinmeubilair staan en zaten met de hele familie in dikke jassen naar ons te kijken en aan te moedigen. Daar zouden we later niet meer van opkijken want dit was overal zo.
Een half uurtje later kwamen we door Bemmel waar het feest nog veel groter was.

Soms kom je in de vroege ochtend in dorpjes waar de mensen niet zo'n boodschap hebben aan de 4daagse. Daar is het stil en is het niet echt feest. De mensen liggen nog lekker in bed en als de wandelaars voorbij zijn gaat hun wekker en gaan ze naar hun werk. Dan staat er in de stille straat om 5:30 uur zo'n malloot die twee draaitafels een mengpaneel en gigantische boxen voor huis heeft neergezet en keihard muziek staat te draaien. Dit kom je iedere dag wel een paar keer tegen.

Om een uurtje of 5 kreeg ik mijn eerste telefoontje. Dit was afkomstig van Aad. Hij was toch wakker vertelde hij. Iedere dag zou ik 's ochtends heel vroeg telefoontjes van hem krijgen. 

Na een stop van zo'n twintig minuten kwamen we door Huissen. Daarna begon John het idee te krijgen dat hij wel wat blaren onder zijn voeten had.
Een aantal uren later gingen we op zoek naar een EHBO post waar John zijn voeten kon laten verzorgen. We konden steeds maar geen blarepost vinden en voelden ons steeds meer Jozef (ik) en Maria (John) op zoek naar onderdak.
Bij een busje van de politie Haaglanden (onze vrienden natuurlijk want wij komen uit Den Haag) vroeg John om hulp. Daar werd hem verteld dat ze alleen "eigen mensen" deden. Hoezo discriminatie! Leve de jongens van ons politiekorps, stelletje matennaaiers!
Bij een kraampje van de scouting zat een lieftalige jongedame (met het postuur en het uiterlijk van de masseuse van de kauwgomreclame van Stimorol) die John kon helpen. De hele behandeling (twee blaren) duurde een halfuurtje waarna we weer op weg gingen. John had al eerder op de dag aangegeven dat ik maar weg moest gaan als het mij te langzaam ging. Tot dan toe ging het best redelijk maar toen we een kwartier na de blarenbehandeling op pad waren ging het mij toch echt te langzaam. Vanaf dat punt heb ik alleen gelopen. Foto's: Blaartjes, John (z)onder narcose

Na het dorpje Oosterhout begon de beruchte dijk langs de Waal. Je ziet de Waalbrug naar Nijmegen liggen maar deze komt maar niet dichterbij. Op die dijk was het gigantisch druk. De lopers van alle afstanden liepen op die dijk. Die dijk was redelijk smal zodat het moeilijk was om mensen in te halen. Dit kostte verschrikkelijk veel energie en ik moest vaak door de berm om in te halen. Het andere alternatief was om niet in te halen maar dan zou de hele ellende nog langer duren. Foto: De dijk

Bij de brug was het mogelijk een stuk af te snijden door een trap omhoog te nemen. Dat scheelt wel 200 meter. Dat deed ik dus NIET. Ik heb heel netjes omgelopen zoals het hoorde (braaf hè?). Veel mensen sneden dus wel af. Dat zullen wel dezelfden zijn geweest die dit 's ochtends ook deden bij dezelfde brug. Het is te hopen dat die mensen hun kruisje niet gehaald hebben en als dat wel zo is moet er één as van het kruisje afgebroken worden! Foto: De brug

Na aankomst in Nijmegen heb ik bij de Vereniging op John gewacht. Drie kwartier later kwam hij binnen. We hebben samen een paar biertjes gedaan. John wilde nog naar de blarenverzorging om zijn voeten helemaal af te laten tapen.
Ik ging met de bus naar huis (=Kinderdorp).

Ik had deze dag last van mijn linkerlies gekregen waar ik de rest van de 4-daagse last van zou krijgen. Ik was verschrikkelijk stijf. Alles bij elkaar heeft deze eerste dag mij meer moeite en pijn gekost dan de 50 kilometer tochten die ik eerder heb gelopen. Ik voelde me 's avonds zo rot dat ik echt twijfels kreeg of ik dit vier dagen vol zou kunnen houden. Dit heb ik aan niemand verteld natuurlijk!
's Avonds had Cock geregeld dat er een masseur zou komen naar het paviljoen die je voor 15 piek kon masseren. Die zou wat later op de avond komen. Ik had niet mijn kostbare uurtjes slaap ervoor over om daarop te wachten.

Iedereen in huis was vandaag aangekomen. Pieter uit Friesland had zulke grote blaren bovenop zijn voet zitten dat hij de volgende niet zou starten. Jan zou dus alleen verder gaan lopen. 

Het eten zou om 18:30 opgediend worden. John belde dat de wachttijden erg lang waren en dat hij niet op tijd voor het eten zou kunnen zijn. Het was mogelijk om zijn eten te bewaren. John kwam maar niet opdagen dus ik besloot om 20:30 naar bed te gaan. Om 21:00 uur kwam John de kamer pas binnen en ging daarna naar beneden om te eten en voor een massage. Om 23:00 ging hij naar bed waarna om 2:30 uur weer de wekker ging.


Woensdag 19 juli: : Terug naar begin

Tussen alle mensen bij de start vond ik (leve de GSM) Lucette met haar vriendin Annie. De tweelingzus van Annie, Nellie was er ook bij om vandaag mee te lopen. Ik heb met John afgesproken dat ik niet meer met hem zou lopen omdat dat anders mij mijn vierdaagse zou kosten. Foto: de Bussagiers

Het weer zou vandaag een beetje miezerig zijn. Af en toe een buitje. Maar dat was helemaal niet storend. Ik heb vandaag zowat de hele dag mijn windjack aangehouden. Op de dijk stond een redelijk windje wat het toch een beetje guur maakte.
Het afgelopen weekend was ik in een wegrestaurant op weg naar Limburg Erwin Krol (de weerman van Journaal) tegengekomen. Ik kon het niet laten om naar hem toe te gaan om te vragen hoe het weer zou zijn tijdens de 4daagse. Hij vertelde dat het in ieder geval beter zou worden dan de afgelopen week waar een paar meter regen was gevallen. Rond de 21 graden en niet zoveel regen!

Ik ben met Lucette van start gegaan en heb heerlijk gelopen. Annie ging samen met haar zus ervandoor en waren waarschijnlijk de snelste dames. Foto: Supertrio
Volgens verhalen van ervaren lopers zou dit een saaie zware dag worden maar dat viel best mee. Foto: Duo Penotti
De hele dag ging redelijk gemakkelijk.
Wel kreeg ik direct vanaf de start last van mijn linkerscheenbeen en last van mij lies had ik nog steeds. Dus bij iedere stap die dag voelde ik op twee plekken mijn linkerbeen. Door die lies was het voor mij vanaf die dag ook niet meer mogelijk vanuit zit mijn been ook maar een centimeter van de grond op te tillen. Lastig met het aantrekken van een onderbroek of het oplopen van de trap. Ik moet iedere keer mijn linkerbeen onder de knie oppakken en een trede hoger zetten. Of als ik mijn been op een stoel wil leggen moest ik deze oppakken.
Lucette had over het algemeen een wild tempo. Wij haalden constant mensen in, maakten tussensprintjes of schijnbewegingen om anderen in te halen. Ook de berm werd niet geschuwd. Dat is wel gevaarlijk want je kan dan makkelijk je enkels verzwikken. Foto: B&B
Op driekwart kwam Lucette haar vader tegen die de 40 liep en die tot het einde met ons mee bleef lopen. Foto: Vader en dochter

Aan het einde dag voelde ik de mogelijke aanwezigheid van een blaar(tje) op de kleine teen van mijn rechtervoet. Na onderzoek toen ik terug was bleek er inderdaad een kleintje te zitten. Deze heb ik doorgeprikt en daarna afgeplakt. Ik zou er geen last meer van krijgen. Dit zou dus ook de enige blaar zijn die zich durfde te laten zien tijdens de Vierdaagse. Waarschijnlijk zijn ze allemaal afgeschrikt door het idee dat een doorprikking hun lot zou worden. Ik ben daar keihard in!

We kwamen vandaag om 13:15 uur binnen. Via de telefoon (onmisbaar) hoorde ik dat John enkele uren achter ons zat maar dat hij het (tegen mijn verwachting in) vandaag wel zou halen.
John kwam drie kwartier voor sluitingstijd binnen om 16:15 uur. Ik zou niet op John (Foto) blijven wachten omdat ik nu de luxe had dat als ik naar huis ging ik genoeg tijd zou hebben om nog even voor het eten te gaan douchen en pitten. Dat is het grote voordeel als je snel binnen bent. Je hebt maximale rusttijd tot de volgende dag.

Ik had nu dus ook tijd en zin om 's avonds het eerste mailtje met foto's naar het thuisfront te sturen. Dit kost alles bijelkaar toch aardig wat tijd en energie, dit had ik niet verwacht. Dit zou ook mijn laatste mailtje zijn want daarna had ik er echt geen puf meer voor. Dit laatste mailtje begon ik ook met "Groeten uit Maastricht", zo duf ben je dan dat je dat helemaal niet doorhebt.
Toen het thuisfront de volgende dagen geen mail meer kreeg kwamen er dus ook twijfels of ik er nog steeds in zat. Sorry hoor!

Omdat we zo snel gelopen hadden was ik ook weer snel op Kinderdorp. Daar waren ook een paar mensen die ik niet kende. Dat bleek de broer en zijn vrouw te zijn van Pieter. Zijn broer kwam kijken maar dat was dus voor niets. De vrouw van Ben bleek in haar vrije tijd sportmasseuse te zijn. Zij was bereid Jan en mij te masseren. Dit was echt heerlijk. Zij wilde er niet voor betaald worden. Ik ben eigenlijk nooit zo'n liefhebber van massage maar dit had mij toch heel goed gedaan.
Voordat de andere lopers binnen kwamen waren zij weer naar huis.

Het eten was weer gezellig maar wel vermoeiend. Iedere keer moest ik mijzelf oppeppen om weer een volgende gang eten te gaan halen. Eerst sta ik heel voorzichtig op en sta na een halve minuut pas helemaal rechtop. Voetje voor voetje schuifel ik dan van mijn plaats af.
Iedereen zat nog steeds in de race, er was vandaag niemand uitgevallen. Ruben en Jacqueline waren opvallend fit en ook André en Peter. Op Jacqueline na waren we allemaal beginners van de 4daagse. Voor Jacqueline, een voormalige KLM sterwardess en tegenwoordig Webmeesteres, was het de 5e maar de eerste keer de 50 kilometer. Ze deed nu 50 om samen met Ruben te kunnen lopen. Toch een ervaren rot dus. Foto: Kinderdorpers
Marcel die de 30 kilometer liep kwam binnen met hele grote rode (wijn)vlekken en blaren langs zijn enkels. Foto: Blaar.  De diagnose allergie voor misschien sokken zou gesteld worden. Later zou dit wondroos blijken te zijn. Hij wilde eigenlijk niet meer starten de volgende dag. Dat heeft hij toch wel gedaan gelukkig.
Jan begon weer eens een keer over de gesteldheid van zijn zitvlees. Met name het gebied tussen de twee vleeshelften. Door het geschuur langs elkaar begon het er aardig op biefstuk te lijken vertelde hij. Mijn tip om een paar keer per dag er een lik uierzalf of vaseline doorheen te smeren werd in de wind geslagen. Waarschijnlijk vond hij de pijn toch wel prettig want hij smeerde niet in maar had er iedere dag wel de grootste verhalen over, het liefst tijdens het eten.

Jan en ik maakten vanavond een principe afspraak dat we misschien wel de volgende dag met elkaar zouden kunnen lopen omdat we allebei alleen liepen en toch de andere dagen niet zo laat na elkaar aankwamen.

Ik werd ook best verwend in het huis. Als ik op de luie bank zat na het eten werd er gevraagd of ze een stoel neer moesten zetten om mijn been op te leggen en of ik een kopje koffie wilde.


Donderdag 20 juli:  Terug naar begin

was weer flink afzien. Ik begon samen met Lucette maar kon haar tempo na een uur niet meer volgen. Zij ging verder zoals we de tweede dag geëindigd waren, mensen inhalen en tussensprintjes. Zij was 50 meter voor op mij en belde: "je liep te slenteren" zei ze. Ik vertelde haar dat ik het wel best vond en een andere tactiek ging toepassen.
Zij zou later op de dag Annie weer vinden en liepen de rest van de dag samen. Echte bikkels die meiden!

De pijn in mijn scheenbeen was erger geworden. Na tweeënhalf uur nam ik mijn eerste rust in Mook in een kroeg. Been op de stoel want mijn enkel was erg dik geworden. Dat viel mij toen pas voor het eerst op. Foto: Dikke enkel
In die kroeg werd ik voor het eerst gebeld door Jan. Jan liep ruim een half uur achter op mij. Ik vertelde hem dat mijn pauze er bijna opzat en ik al weer aan de wandel zou zijn als hij zou passeren. Dus later zouden we nog wel afspreken.

Toen ik weer op pad was bereikte ik na een half uur de eerste officiële rustplaats met EHBO tenten. Daar ben ik binnen gegaan omdat ik advies over mijn scheenbeen wilde hebben. Ik moest een nummertje trekken voor de fysio. Toen ik aan de beurt was dacht die vrouw dat mijn enkel verstuikt was, het koste mij aardig wat moeite die vrouw ervan te overtuigen dat ik alleen maar last van mijn scheenbeen en dat ik niet door een berm of langs een stoeprand gezwikt was.
De (militaire) arts zag dat het vocht kwam door een ontstoken scheenbeen en adviseerde zoveel mogelijk te koelen en hoog te houden. Dat betekende iedere eerstehulppost rusten, been hoog en ijs erop. Ook lopen met ijs. Een zakje ijsblokjes in een doekje gewikkeld en om tegen het scheenbeen gebonden hielp erg goed. Beter zou het er in ieder geval niet op worden. Foto: Koelen met ijs

De EHBO stop had mij 26 minuten gekost. De telefoon ging, het was Jan. Hij was inmiddels mij voorbij gelopen maar was maar 5 minuten voor. Hij zou in Middelaar op mij wachten. Foto: Jan en ik
Jan is een prettig gestoord figuur dus dat liep lekker. Af en toe haalden we mekaar uit het dal en dat was goed.

Een liedje wat ik onderweg ergens opgevangen had heb ik heel veel gezongen onderweg. Het gaat op de wijs van : "En dattewe toffe jongens zijn...". Het gaat als volgt:
We hebben een kluppie opgericht voor mensen met een lelijk gezicht,
en daar hoor hoor jij bij, daar hoor jij bij!

Toen kwam een telefoontje van Saskia met de mededeling dat Django in het ziekenhuis was opgenomen wegens een astma-aanval. Als je op zo'n dag toch al zo waardeloos loopt dan ga je je niet lekkerder voelen na zo'n telefoontje. Jan zei dus ook: "Sterk spul hè dat Fishermans Friend".

In Milsbeek hadden we trek in een glas lekker koud bier. We zijn in een plantsoentje gaan zitten met de benen omhoog tegen een boom aan. Sokken verwisseld en lekker een half uurtje uitgerust. Na deze rust heb ik een uur zonder pijn gelopen en het was misschien wel het lekkerste uurtje van de vierdaagse.
Tijdens de rust kreeg een Jan een telefoontje van Jan de Jong, zijn baas. Deze zou hem de komende dagen meermalen bellen. Ik heb hem ook af en toe gesproken. Ook sprak ik hem een keertje na de 4daagse voor het adres van Jan. Echt een toffe peer. Jan had deze telefoontjes ook écht nodig af en toe.

Ongeveer een halfuurtje na deze rust begon de eerste heuvel van de Zevenheuvelenroute. Ik had vandaag heel stoer mijn tshirt van de Zevenheuvelenloop aangetrokken. Deze loop ik bijna elk jaar dus ik wilde de anderen daarmee ontzag inboezemen. Er is die dag maar drie keer een opmerking over gemaakt. Om 10:00 uur werd het ook zo warm dat ik het tshirt uit heb getrokken en lekker verder ben gegaan in een hemdje. Wel had ik me goed ingesmeerd met factor 20 omdat mijn gezicht van de eerste dag toch een beetje verbrand was.
De heuvels vielen mij niet tegen. Foto: Heuvel Ik ben ze toch wel een beetje gewend. Met de Zevenheuvelenloop heb ik er ook nooit echt problemen mee. Waar ik wel problemen mee had was de laatste lange weg voordat we Nijmegen binnenliepen. Die duurde heel lang, liep flauw omhoog (vals plat), ik had geen water meer en er was ook niets te krijgen. Ook bij de Zevenheuvelenloop heb ik op dit punt vaak stuk gezeten. Jan en ik zaten er allebei flink doorheen en waren het echt spuugzat. We konden elkaar ook niet meer opbeuren. Nog in Groesbeek had ik mijn bidon gepakt omdat hij leeg was. Vaak zijn er naast de weg mensen die een tuinslang hebben uitgerold waar je water kan krijgen. Maar helaas had ik dat hele uur tot aan Nijmegen geen water meer gezien.
Met dat water moet je trouwens ook uitkijken. Je moet alleen stromend water drinken. Als je water drinkt uit een emmer is dat minder hygienisch omdat de mensen (goedbedoeld) met hun handen in het water zitten. Als je dat drinkt heb je grote kans dat je gelijk buikpijn krijgt. Dit had ik al eens ervaren tijdens een halve marathon in Leiden dus daar trapte ik niet meer in.

Wat je veel langs de kant van de weg zag waren kinderen. Sommigen hielden bakjes op waar snoepjes, pruimen, komkommers of peentjes in zaten. Anderen hielden hun handjes op als bedelaars omdat ze souvenirs wilden. Sommige mensen gaven ze stickers en veel militairen deelden speldjes (pins) uit. Weer anderen hielden hun hand met de handpalm naar je toe zodat je een high-five kon geven. Waar je voor op moest passen dat je niet over die kinderen ging struikelen als ze naar militairen liepen voor een handtekening of souvenir.

Alles bij elkaar een zware dag met heel veel afzien. Niet echt lekker. Daarom had ik geen meeltje gestuurd want ik had er geen puf voor.
Aankomst was om 14:45 uur.

John was halverwege uitgevallen en door een postbode op de (auto)bus gezet. Ik werd door hem gebeld. Hij bevond zich op een punt waar ik twee uur geleden al geweest was. Rondom hem zag hij niemand meer lopen en alle kramen en rustpunten werden afgebroken. Hij liep een tempo van ongeveer 3 kilometer per uur. Een simpel rekensommetje zou leren dat hij niet op tijd kon binnenkomen.
Een triest einde van een harde bikkel die het in zich had om de vierdaagse ongetraind maar op karakter uit te kunnen lopen. De man met de hamer besliste anders en meedogenloos. De pijp werd door John aan mij gegeven.

Toen we thuis kwamen zat John, reeds gedouched aan tafel met drie lege flesjes bier voor hem en hij had alweer het hoogste woord.
John had ook nog wel genoeg puf over om met twee dames, de vriendin van Cock en Rensina (die de eeste dagen door mij steeds Retsina genoemd werd maar dat komt door mijn drankverleden) de stad in te gaan om te gaan stappen en zelfs te dansen en was om 1:30 uur weer thuis. Een uurtje later ging mijn wekker.


Vrijdag 21 juli: Terug naar begin

Gelukkig de laatste dag, D-day.
Als je mij de afgelopen avonden zou hebben zien opstaan van mijn stoel zou je er geen dubbeltje voor hebben gegeven dat ik de 4-daagse ooit uit zou kunnen lopen. Voetje voor voetje schuifelen naar het eten of de wc bijvoorbeeld. Trap op ging alleen maar door mijn linkerbeen onder de knie op te pakken en een trede hoger te zetten. Een onderbroek aantrekken ging als volgt: Mijn rechterbeen ging op de normale wijze door het rechtergat van de onderbroek. Dan legde ik het linkergat open op de grond. Ik pak mijn linkerbeen met beide handen onder de knieholte en til mijn been op. Ik houd het been boven het gat, laat het zakken in het gat en wiebel met mijn tenen de onderbroek over mijn voeten. Dan ga ik heel voorzichtig, voor mijn rug, met mijn handen naar de onderbroek en trek het ding op zijn plaats. Dit is niet overdreven, dit is de waarheid en niets dan de waarheid!

Ik zou deze dag met Jan (uit Friesland) gaan lopen.  Hij had een blarenpas gekregen van iemand die hem niet meer nodig had. Dus hij ging gezellig met de bus mee. Wat een gestoorde was dat zeg! De sfeer zat gelijk in de bus. Het voordeel was ook dat we gelijk konden starten en we elkaar onderweg niet op hoefden te zoeken.
Het eerste uur voelde ik mij de mij als vanouds bekende pijnen. Ineens had ik eigenlijk geen problemen meer en ik liep lekker. Foto: Ik
Na 2,5 uur namen we de eerste pauze bij een tentje van OLAT (Ollandse LangeAfstands Tippelaars) waar alle consumpties 75 cent kostten. Tot mijn verrassing zaten Lucette en Annie daar ook. Dat was even heel gezellig. Jammer dat zij na 10 minuten al weer verder gingen.

Rond 9:30 uur werd ik gebeld door Rob Delfgauw die samen met Robyn in het land van Maas en Waal waren. Zij waren in Malden en daar was nog geen wandelaar te zien. Ik vertelde hun dat ze beter naar Cuijk konden gaan rijden omdat wij daar om een uurtje of 12 zouden aankomen. Cuijk was ook heel gezellig had ik gehoord van Bart. Als zij daar een lekker grasveldje zouden kunnen vinden waar we lekker met onze benen omhoog zouden kunnen zitten zou dat mooi zijn. Rob vertelde dat hij een paar blikken bier bij zich had maar dat we dat zeker niet wilden. Fout! Wel dus!

Ondertussen liepen we verder. Bij een peloton van de Nederlandse Luchtmacht werd lekker gezongen. Ze liepen in twee colonnes en voorop liep naast de eerste lopers een sergeant als derde colonne met niemand achter zich. Ik ben daar achter gaan marcheren en zingen. Jan liep weer achter mij en dat ging heerlijk.
In het dorpje Beers werd het drukker en het zingen stopte. Ik raakte aan de praat met de korporaal rechts naast mij en we praatten over hoe lekker het was om te zingen. Je vergeet dan alle pijn en het gaat dan gewoon lekker.
We liepen linksaf het feestgewoel in. Na 20 meter was er een controlepost. De controleur zag mijn kaartje en zei dat ik een afslag gemist had. Gelukkig hoefden we maar 20 meter terug tegen de stroom in en gingen we de andere weg in. Later hoorde ik van iemand dat vroeger deze controlepost 2,5 kilometer verder stond. Omdat veel mensen daar verkeerd liepen moesten ze ook weer zo'n end terug lopen dus hebben ze het punt eerder gezet, gelukkig voor ons!

Na een half uurtje belde Rinus. Op een gegeven moment moest ik hoesten en toen schoot een verschrikkelijke pijn in mijn rug. Ik wist even niet meer waar ik het moest zoeken van de pijn.
Het duurde een kwartier voordat de pijn draagbaar was.

Ondertussen kreeg ik weer een telefoontje van Rob. Zij waren in Cuijk en voelden zich een beetje opgelaten omdat ze met de stroom wandelaars mee waren gelopen tot buiten Cuijk.
Gelukkig hadden ze nieuwe wandelschoenen aan zodat het niet opviel dat ze er niet bij hoorden! Hij vertelde dat hij over de pontonbrug was en bij een grasveld zat. Als ik op de brug was zou ik hun even bellen. Foto: Pontonbrug

In Cuijk was het beregezellig. Je kon over de hoofden van de mensen lopen, wat we ook deden. Ik ging op mijn NS-fluitje fluitend over de stoep achter de toeschouwers langs. Zo kon je tenminste doorlopen want tussen de wandelaars ging echt niet.

Op de pontonbrug aangekomen belde Angela, een collegaatje. Zij belde altijd iedere dag. Het is altijd leuk als zij belt maar nu kwam het even niet goed uit omdat ik anders Rob zou missen.
Ik hing snel op en kreeg hem aan de lijn toen ik de brug over was en boven op de dijk stond. Staande op de dijk kon ik uiteindelijk Rob zien en we liepen naar elkaar toe. Het was onwijs leuk om die twee te zien. Wij zaten tussen de legertenten en onder overvliegende heli's, het leek "Tour of duty" of "Mash" wel! Foto: Tour De biertjes (halve liters Grolsch) gleden erin en het sigaartje smaakte ook prima!

Na een half uurtje zijn we weer op pad gegaan. Tussen de toeschouwers zag ik ineens een bekend gezicht. Het behoorde toe aan Tonny Dircks, voormalig top langeafstandsloper van Nederland. Ik riep: "Hé meneer Dircks!" Hij moest lachen en we gaven elkaar een high five. Ik zei: "Loop je ook eens een keertje mee?" Hij zei dat hij vorig jaar had gelopen.

Nadat we in Malden ons laatste knipje hadden gehaald hadden wilden we nog één korte rust houden. Dit zouden wij doen bij Jan z'n broer die daar ergens zou staan om zijn dochter te zien.
Daarvandaan was het nog een uurtje lopen naar de finish. Fietsen mochten we ook want het laatste knipje was al binnen. Foto: Laatste knipje 

Langs de route werd het steeds drukker want de Annastraat, beter bekend als de Via Gladiola begon daar. Foto: Via Gladiola Wat een mensen, en dat allemaal voor mij! Toch vond ik de menigte op de Via Gladiola niet leuker dan in de dorpjes onderweg. Hier in Nijmegen maar zeker ook donderdag in Groesbeek vond ik het eigenlijk meer ramptoeristen die alleen maar komen kijken om zich vol te laten gieten en naar mank lopende kneuzen te bekijken. In de kleine dorpjes gaan de mensen er echt de hele dag voor zitten. Waar ik bijvoorbeeld kippenvel van kreeg was als we een snelweg overstaken. Dan gingen auto's en vooral vrachtwagens toeteren en zwaaien. Dat vond ik echt geweldig. Die mensen interesseert de vierdaagse niet veel maar nemen toch de moeite om te toeteren.

Op weg naar de eindstreep was het nog moeilijk John en Daniëlle te pakken te krijgen die in een kroeg zaten te wachten om ons binnen te halen.
Langs de route was geen plaats meer voor hun. Na het glorieuze moment van het ophalen van de medaille (Kruisje) en een biertje schuifelden wij over de provisorische "Bailey-brug" over de lopers heen naar de overkant van de straat waar John, Danielle en Pieter ons op stonden te wachten. Daar kreeg ik een mooie bos bloemen en zoenen en een knuffel van de zwangere vierdaagse-Miss Daniëlle.

Daarna gingen we met de bus naar Kinderdorp waar we weer lekker bier gingen drinken, douchen en iedereen die aankwam te zoenen en te knuffelen. Iedereen zat daar lekker in de tuin. Er waren ook vandaag geen uitvallers geweest en iedereen had het dus gehaald.

Snel even gedouched en daarna weer snel terug naar Den Haag waar ik af werd gezet bij het Rode Kruis ziekenhuis. Saskia moest erg lachen toen ze zag hoe ik de trap op liep (de lift was het hele weekend kapot!). Dat was trouwens niets vergeleken bij de andere avonden. Ik was de laatste dag opvallende fit uitgekomen. Ik snap er nog steeds niets van. Vanaf dat moment heb ik geslapen in het Ronald McDonald huis wat heel lekker uitrusten was. Als ik naar Django wilde hoefde ik maar twee etages naar beneden en ik was bij hem. Ook Maxime bleef 's avond lekker slapen bij ons op de kamer. Foto: Django
Een oproep aan iedereen die wel een keer de McDonalds bezoekt voor een lekkere bigmac of het ballenbad: gooi een piekie in die bus voor het Ronald McDonald huis. Op het moment dat ik dit zit te tikken (donderdag) heb ik te horen gekregen dat Django waarschijnlijk morgen naar huis mag, dus dat is heel fijn!

Ik ben zelf nog naar de huisarts geweest om mijn scheenbeen na te laten kijken. Dat viel heel erg mee. Beetje rustig aan doen en na een weekje mag ik weer hardlopen! Wandelen doe ik voorlopig niet, ik neem wel de fiets naar de brievenbus op de hoek van de straat!

Verder wil ik iedereen bedanken die de moeite heeft genomen mij te bellen, SMSsen, mailen en kaarten te sturen. Het was echt nodig en het was heel erg gewaardeerd. Ik ga geen namen noemen want anders ben ik bang dat ik namen oversla en dat vind ik niet leuk.

Uiteraard bedank ik ook Saskia, Maxime en Django die mij toch wel vaak een zaterdag hebben gemist omdat ik zonodig een dagje moest trainen. Zonder hun steun zou ik het zeker niet gered hebben. Foto: Kids

Datum van mijn volgende vierdaagse: De 99e editie in 2015. Dan ben ik 50 jaar en hoef ik maar 40 kilometer te lopen. Dan kan ik samen met de kids die ook maar 40 hoeven!

Aan de ene kant kan ik het iedereen aanbevelen om een keertje de 4daagse te lopen. Het is onwijs leuk! Aan de andere kant is een mens er niet voor gebouwd om zulke afstanden te lopen en is het gekkenwerk.
Als je plannen hebt om het te doen MOET je ervoor trainen. Het is zonde om er ongetraind aan mee te doen en er naderhand achter te komen dat je het wel had kunnen halen als je jezelf maar beter voorbereid zou hebben. 

Foto: Zoek het verschil tussen "getraind" en "ongetraind"                                      De oplossing?

Maarten Berk


Resultaten per dag:  Terug naar begin

Dag 1:
4:40 uur gestart, 15:15 uur binnen.
Totale rust: 1.15 uur
Netto looptijd: 8.50 uur

Dag 2:
4:10 uur gestart, 13:15 uur binnen.
Totale rust: 1.00 uur
Netto looptijd: 8.12 uur

Dag 3:
4:06 uur gestart, 14:45 uur binnen.
Totale rust: 1.50 uur
Netto looptijd: 8.52 uur

Dag4: 4:10 uur gestart, 15:45 uur binnen.
Totale rust: 1.45 uur
Netto looptijd: 9.50 uur