
Hr. Ms. Evertsen. Vóór en ná de slag in Straat Soenda.
‘ALS
JE MERKT DAT HET ECHT IS, WIL JE WEL
WEGKRUIPEN ACHTER EEN LUCIFERDOOSJE'
DE VERGETEN ONDERGANG VAN HR. MS.
EVERTSEN
Bijna niemand kent het verhaal, maar vrijwel
iedereen is bekend met de Slag in de Javazee waar drie Nederlandse marineschepen
ten onder gingen.
Dat een dag later ook de Evertsen door de Japanners werd vernietigd, komt
nauwelijks voor in de geschiedenisboekjes.
,,Begrijpelijk. In de Javazee verloren zo'n duizend mensen het leven, bij ons
maar drie. Maar wij hebben ook die angst doorgemaakt", zegt oud-opvarende
Jan Roelse.
Roelse is nu (anno 2003) 82 jaar.
Ongeveer 60 jaar geleden maakte hij de ondergang van de Evertsen mee voor de
kust van Sumatra in Nederlands-Indië.
De Nieuwedieper is benieuwd naar wat er is geworden van zijn collega's destijds.
Collega's met wie hij strandde op een eilandje, ergens tussen Sumatra en Java
in, en met wie hij 3½ jaar doorbracht in Jappenkampen en gevangenissen.
,,Met hoeveel man zouden we over zijn? En ligt de Evertsen er nog?
Het verhaal gaat dat het schip destijds als oorlogstrofee naar Japan is gehaald.
Maar of dat waar is, betwijfel ik."
Roelse kwam eigenlijk bij toeval terecht op Hr. Ms.
Evertsen. ,,Ik zat bij de
onderzeedienst maar er was een gebrek aan kanonniers.
In drie maanden tijd heb ik een opleiding tot kanonier gevolgd en zodoende zat
ik niet langer bij de onderzeedienst maar werd ik aan boord van de Evertsen
geplaatst."
De torpedobootjager was op 1 december 1941 in dienst gesteld en slechts enkele
dagen later brak de oorlog uit in Nederlands-Indië. Daarom was de Evertsen niet
ingedeeld in het smaldeel dat Nederlands-Indië moest verdedigen. De bemanning
was nog te kort aan boord om een goede
eenheid te zijn." Hr. Ms. Evertsen werd vooral ingezet om konvooidiensten
uit te voeren.
In het begin van de oorlog was het voor de Evertsen 'een rustige tijd' . ,,Je
merkte eigenlijk weinig van de oorlog. Vanaf februari 1942 had je
luchtbombardementen.
Als je aan de wal olie moest laden, kreeg je daar wel mee te maken. Maar op zee
hebben we nooit iets meegemaakt."
Slag in de Javazee
In de nacht van 27 op 28 februari vond de zo bekende Slag in de Javazee plaats.
Daar sneuvelden drie Nederlandse marineschepen, de Java, de Ruyter en de
Kortenaer.
Al eerder warende Piet Hein, de Van Gent en de Van Nes in twee andere zeeslagen
gesneuveld.
Een dag na de Slag in de Javazee vertrok de Evertsen voor een verkenningstocht
naar zee op zoek naar de landingsvloot van de Japanners die op West-Java zou
landen.
Tevergeefs keerde de Evertsen terug naar Java om te bunkeren.
Daar troffen ze de Amerikaanse Houston en de Australische Perth, twee kruisers
die de Slag in de Javazee hadden overleefd.
,,Deze twee schepen vertrokken aan het eind van de middag. Ze wilden via de
Straat Soenda, een zeestraat tussen Java en Sumatra, de vrijheid tegemoet
varen.
Als je die straat eenmaal door was, zat je op de Indische oceaan en had je nog
een kans.
" Wat ze niet wisten was dat de Japanners zich in een baai iets verderop
hadden teruggetrokken. Toen ook de Evertsen via de Straat Soenda wilde
vluchten, zagen ze de Houston en de Perth in gevecht met de Japanners.
,,Een vreselijk gezicht", weet Roelse nog.
,,Die slag kon nooit gewonnen worden, de Japanners waren te machtig."
De Evertsen probeerde het gevecht te omzeilen door dicht langs Sumatra de Straat Soenda te bereiken.
,,Toen we de straat in draaiden, kregen we het eerste salvo over ons heen.
De Japanners wisten dat wij er waren.
Na het eerste salvo was het even rustig maar daarna kregen we de volle laag over
ons heen.
Er ontstond brand op het voor- en achterschip. En aan boord van de Evertsen
gebeurde helemaal niets.
Je merkt ineens dat het allemaal echt is; dan wil je wel wegkruipen achter een
luciferdoosje." Er werd niet teruggeschoten, misschien in de wetenschap dat
er niets te winnen viel maar ook omdat de bemanning nog te ongeoefend was.
,,We moesten weg zien te komen. Misschien is dat wel onze redding geweest.
Anders was het nog pijnlijker afgelopen."
Door het nevelscherm aan de achterkant van het schip in werking te stellen, kon
de Evertsen uiteindelijk de Straat Soenda passeren.
,, 's Nachts om half twee strandden we op een eiland, vlak onder Sumatra.
Twee van de bemanningsleden waren zwaargewond, zij overleden later.
We hebben ze daar moeten begraven. Slechts één opvarende was op slag dood. Die
hebben we nog een zeemansgraf kunnen geven.
De bemanning heeft negen dagen op het eiland doorgebracht.
,,We hebben de noodrantsoenen van het schip gehaald en daar konden we van leven.
We zaten op dat eiland in de veronderstelling dat de Jappen ons daar zouden
laten zitten.
" Maar na negen dagen werd duidelijk dat de bemanning van de Evertsen zich
moest overgeven. ,,Anders werden we vernietigd. Ik zie ons nog gaan, ieder met
een blik eten onder de arm."
De bemanning werd geplaatst in een gevangenis op Sumatra. Zelf heeft Roelse 3½
jaar als krijgsgevangene in de buurt van Palembang doorgebracht. Eerst in een
gevangenis, later in kampen.
Roelse werkte onder andere mee aan het verlengen van de startbaan op het
vliegveld van Palembang.
Pas in oktober 1945, twee maanden na de capitulatie van Japan, verliet Roelse
het jappenkamp. ,,Het had niet langer moeten duren. We waren uitgehongerd."
Februari 1946 keerde hij terug naar Nederland. Toen was hij 25 jaar.
Wrak
,,In Den Helder wonen een paar bemanningsleden die
de ondergang van de Evertsen hebben meegemaakt.
,,Maar ik ben benieuwd wat er met het wrak is gebeurd."
Roelse hoopt dat de marine, die in juni een krans gaat leggen ter nagedachtenis
aan de scheepsramp met de Junyo Maru voor de kust van West-Sumatra, een kijkje
kan nemen bij het eiland waar de Evertsen is gestrand.
Bij de scheepsramp met de Junyo Maru in 1944 verloren tussen de 5600 en 5900
mensen het leven. De Junyo Maru was een Japans transportschip voor
krijgsgevangenen dat bij vergissing door een Britse onderzeeboot werd
getorpedeerd.
Extra toelichting.
De marine zal op 4 juni 2000 een krans in zee
werpen voor de kust van West- Sumatra, waar op 18 september 1944 tussen de 5600
en 5900 mensen verdronken.
Dat gebeurde toen het Japanse transportschip voor krijgsgevangenen Junyo Maru
door een Britse onderzeeboot bij vergissing werd getorpedeerd. Onder de
slachtoffers bevonden zich behalve ongeveer 4300 Indonesische dwangarbeiders (romusha's)
ook een onbekend aantal Nederlandse krijgsgevangenen.
De scheepsramp met de Junyo Maru staat te boek als de ernstigste in de
geschiedenis.
Van de 6500 opvarenden (naast Indonesische, Amerikaanse, Britse,
Australische en Nederlandse krijgsgevangenen) overleefden nog geen negenhonderd
mensen de ramp.
De meesten van hen kwamen later om bij de bouw van de Sumatra-spoorweg.
Indien iemand naar aanleiding van dit verhaal eens van gedachten wil wisselen met dhr. Roelse dan is dat geen probleem. Sterker nog, hij praat graag over zijn belevenissen en álle reacties zijn welkom. Klik hier om hem een e-mail te sturen
En hoe het wrak van de Evertsen er tegenwoordig bijligt? Geologe (en fotografe) Koeniel heeft het wrak in 2005 bezocht en er prachtige foto's van gemaakt. Klik hier om naar haar foto's te gaan.