|
|
|
|
|
|
|
|
|||||
In de 2e en 1e eeuw voor Chr. emigreerden de Vandalen naar het noorden van het huidige Polen en Duitsland.
Omstreeks het begin van de jaartelling ver- plaatsten zij zich meer naar het zuiden, in het huidige Silezië.
|
Omstreeks 150 n.Chr. vielen de Goten het gebied binnen van de Longobarden.
De Longobarden werden uit hun woongebieden verdreven, en vielen op hun beurt de Vandalen aan in Silezië.
Op drift geraakt verliet om- streeks 170 n.Chr. een deel van de Vandaalse stammen Silezië onder aanvoering van twee leiders Rhaus en Rhaptus. Aanvankelijk wilden deze Vandalen zich vestigen in het Romeinse Rijk, doch hiervoor kregen zij geen toestemming. Toen de onderhandelingen met de Romeinen mislukten, vielen zij het gebied van de Castubokken binnen ten noorden van de Karpaten in Roemenie. De Castubokken werden in 172 n.Chr. verslagen en de Vandalen konden zich vestigen in hun ge-
|
bied.
Opgejaagd door de opruk- kende Hunnen en aangelokt door de rijkdommen van het politiek verzwakte West-Romeinse Rijk trokken vanaf de vierde eeuw meerdere Germaanse stammen West-Romeins gebied binnen.
Deze periode staat bekend als de ‘Grote Volksverhuizing’.
In 406 vielen de Vandalen samen met de Alanen en Sueven, Gallië binnen en bereikten in 409 Spanje. De Romeinen waren niet in staat om hen te verdrijven en in 411 werd er een verdrag ge- sloten waarbij de Vandalen de welvarende provincie Hispania Baetica, de huidige regio Andalusië in Zuid-Spanje, toebedeeld kregen. In 415 n.Chr. arriveerde echter de Visigoten in deze regio. Na zware militaire druk staken de
|
Vandalen noodgedwongen over naar Noord-Afrika.
Onder leiding van hun bekendste koning Geiserik trokken ze langs de kuststroken van dit gebied oost- waarts waarbij ze de kuststeden veroverden.
Door een krijgslist bezette zij uiteindelijk Cartha- go, de grootste stad van Noord-Afrika in het huidige Tunesië.
In die tijd was Carthago het tweede centrum van Romeinse cultuur, thuisbasis van de Romeinse vloot en de tarwe schuur die grotendeels Italië van voedsel voorzag. De stad en vloot viel vrijwel ongeschonden in handen van de Vandalen. Met Carthago als hoofdstad bouwden ze de veroverde vloot uit tot een geduchte macht, stichtten een eigen koninkrijk in NoordAfrika, en onderwierpen Sicilië, Sardi- nië, Corsica en de Balearen.
|
||
|
|